Beginpagina‎ > ‎Nieuws en agenda‎ > ‎

Nieuws



Voorzitter Harrie van Vroenhoven Lid in de Orde van Oranje Nassau

Geplaatst 3 mei 2018 11:49 door Ton van Erp   [ 3 mei 2018 11:49 bijgewerkt ]

Harrie is vanaf zijn voorzitterschap in 2007 een grote initiator geweest van vele nieuwe activiteiten voor het behoud van het culturele erfgoed in de gemeente Best. Hij wist dit ook goed te communiceren naar de gemeente Best maar ook naar inwoners van Best. Er kwamen nieuwe werkgroepen zoals digitaliseren van kadastrale kaarten, monumenten, archeologie, educatie, website, kunst als werkgroep, immaterieel erfgoed en werd vertegenwoordiger bij de  vergaderingen van de Monumentencommissie.
Op zijn initiatief kwam het bankje voor de honderdjarige, diverse toponiemen banken  en was hij vanaf het begin betrokken bij de restauratie, educatie en boekpublicatie (“t Goet te Arle) van de oudste boerderij van Nederland, De Aarle Hoeve. Ook heeft hij voor de erfgoedvereniging enkele boekjes geschreven.
Hij geeft veel aandacht voor het behoud van het natuurhistorisch landschap waaronder het wederopbouwgebied De Scheeke, voor de Paljaert en de Mortelen.
Harrie was oprichter van het a-politiek  groepje onder de naam: “Betrokken Bestenaren” en heeft grote inbreng gehad bij de herinrichtingen van het centrumplan.
In zijn actieve periode bij het verzekeringswezen vervulde hij verschillende bestuursfunctie en ook hier was hij hier een inspirator van vele nieuwe projecten. Zijn hier opgebouwde kennis over marketing- en profileringactiviteiten komen hem nu goed van pas.    

Ook felicitaties gaan uit naar twee leden van onze Erfgoedvereniging, de heren Jan van de Meulengraaf en Albert van Loosdregt. Zij hebben eveneens een Koninklijke onderscheiding gekregen voor het vele vrijwilligers werk dat zij binnen onze gemeente hebben gedaan.       

Lezing 8 mei 2018 over Vierges Romanes en Zwarte Madonna’s

Geplaatst 14 apr. 2018 03:09 door Ton van Erp   [ 15 mei 2018 10:40 bijgewerkt ]

De lezing over Vierges Romanes en Zwarte Madonna’s zal door Ton Spamer worden verzorgd.
Een zwerftocht door Middeleeuws Frankrijk langs de routes Santiago de Compostella. Kort na het jaar 1000 duiken ze op: beelden van Maria, zitten op een troon en met een kind op schoot. Ze komen het eerst voor in centraal en Zuidelijk Frankrijk en dat blijft ook het voornaamste verspreidingsgebied. Opeenhopingen treffen we aan in de Auvergne rond ClermondFerrand en in de oostelijke Pyrenëen en noordelijk Spanje. Het zijn merkwaardige beelden. Ze zijn blank of zwart, zelden negroïde. Het kind ziet er volwassen uit en Maria heeft vaak onnatuurlijk grote handen. Het ene beeld is van hout, het andere van brons of afgewerkt met verguld zilver of email. De kleding is soms vorstelijk en sereen, soms ronduit armoedig of bizar van kleur. 

Maar al die Madonna’s zijn persoonlijkheden en wijken duidelijk af van de zielloze Mariabeelden die vanaf het midden van de 19de eeuw populair zijn geworden. Ze kijken streng of juist liefelijk, een
enkele ronduit boosaardig en een andere schuchter of ingetogen.Ze komen voor in kathedralen en in aandoenlijk romaanse dorpskerkjes en die blijken nogal eens te liggen aan de grote en kleine pelgrimswegen naar Santiago de Compostella. Alhoewel de pelgrimage daarheen al vanaf de Karel de Grote bekend is vindt de grote opbloei ook in de 11de eeuw plaats, gelijk met de komst
van de Vierges Romanes. Voor wie de pelgrimage al eens heeft gemaakt wellicht een hernieuwde kennismaking.

Ton Spamer studeerde geschiedenis in Utrecht en doceerde dit vak aan het Peelland-College te Deurne. Hij geeft lezingen over geschiedenis en kunst en publiceerde o.a. over
Deurne in de Brons- en Ijzertijd Ton is oprichter van “Durninum” fonds voor ltuur historische publicaties over Deurne. 

Lezing 10 april 2018 over Philips Best

Geplaatst 28 mrt. 2018 10:00 door Ton van Erp   [ 28 mrt. 2018 10:01 bijgewerkt ]

De lezing door Bert Tip over Philips Best: van verborgen parel tot kroonjuweel, handelt niet alleen over de interessante en verrassende geschiedenis van Philips in Best. Hij neemt u ook mee op de 127- jarige reis die Philips heeft afgelegd van gloeilampenfabrikant in het zuiden des lands via een omvangrijk industrieel conglomeraat tot uiteindelijk een steeds  digitaler bedrijf, dat zich heeft toegelegd op innovatieve healthcare technologie. Een nieuwe koers waar de campus in Best als grootste Philips -locatie ter wereld een belangrijke rol in speelt. 
Een breed scala aan onderwerpen zal de revue passeren, variërend van historische –en voor sommigen onbekende- feiten en luchtige anekdotes tot verrassende weetjes en onverwachte verbanden. Er zal ook ruimschoots  gelegenheid  zijn om vragen te beantwoorden.

Bert Tip is sinds 1986 in dienst van Philips en was werkzaam in diverse onderdelen waarvan nu 7 jaar als manager in Best. In 2017 is zijn rijk geïllustreerde boek ”Philips Best: van verborgen parel tot kroonjuweel” verschenen over de totstandkoming van Philips in Best met vele interviews van medewerkers van Philips.

Uitreiking Heemschild 2017

Geplaatst 19 mrt. 2018 11:54 door Ton van Erp   [ 19 mrt. 2018 11:55 bijgewerkt ]

Het bestuur van de Heemkundekring heeft op 13 maart 2018 het Heemschild uitgereikt tijdens de jaarvergadering. Het Heemschild is een waardering van een lid of werkgroep voor gedane activiteiten binnen onze vereniging. Dit jaar was het bestuur er snel uit.

Onze kring is jaarlijks betrokken bij meerdere activiteiten wat ook vraagt om extra mensen. Het is dan altijd prettig dat je terug kunt vallen op vaste personen. Ik denk hierbij onder andere aan de sociale markt waar wij altijd met een kraam en vrijwilligers aanwezig zijn. Als wij Wim vroegen om enkele uren de kraam mede bezetten dan was hij aanwezig. Deze persoon, die 18 jaar lid is, was tot kort jarenlang in de kelder actief voor het vastleggen en ordenen van boeken in onze bibliotheek. Ook was Wim betrokken samen met Theo van Heesch en Frans Donders bij het organiseren van vele excursiereizen. Hij was ruim 15 jaar bestuurslid in de functie van 2e secretaris en heeft bij zijn afscheid het zilveren draaginsigne gekregen van Brabants Heem.

De laatste tijd laat zijn gezondheid hem een beetje in de steek en heeft hij de activiteiten binnen onze kring moeten staken. Voor het bestuur een mooie gelegenheid om Wim Verschuuren te verrassen met de toekenning en uitreiking van het Heemschild met de daarbij horende oorkonde.

 

Wim, namens het bestuur en leden bedankt voor het vele werk wat jij voor onze kring hebt gedaan. 

Lezing 20 februari 2018 over Landgoed Velder en Heerenbeek

Geplaatst 17 jan. 2018 11:14 door Ton van Erp

Deze lezing wordt verzorgd door Ger van de Oetelaar. Landgoed Velder is een landgoed nabij Liempde (gemeente Boxtel). Het landgoed is gelegen ten westen van de snelweg A2 en de spoorlijn Boxtel-Eindhoven. Het landgoed is door middel van reeëntunnels onder de spoorlijn en wildviaduct “Het Groene Woud “met andere bossen verbonden. Door middel van natuurontwikkeling wordt het aan het natuurgebied de Kampina verbonden.  Landgoed Velder wordt gekenmerkt door relatief  natte bossen. Het landgoed is in bezit van de familie Van Boeckel van Rumpt-van Heyst en bedraagt ongeveer 160 ha. 
 
Landgoed Heerenbeek Een landgoed met park/tuin, eiken, beuken-en populierenlanen, loof-en naaldbossen en landbouwgronden in Oirschot. Op het landgoed staan verschillende monumentale gebouwen, waaronder een kasteelachtig herenhuis (1864) met aanbouwen (1905), een woonhuis met koetshuis (ca. 1864), een Vlaamse schuur, thans omgebouwd tot boerderijen (17e en 19e eeuw) en een bakhuis met stal (19e eeuw). Rond het herenhuis restanten van een tuin in Engelse Landschapsstijl, waaronder een vijverpartij, enkele gazons en sierbomen (waaronder vleugelnoot, Hollandse linde, iep en oerascipres).Ten oosten van het huis is een onregelmatig sterrenbos uit de periode 1930-1940. Aan de Oude Grintweg bevindt zich een familie begraafplaats ( De Girard de Mielet van Coehoorn) van omstreeks 1865. Het gebied kent een samenhang met het landgoed Veldersbosch en met het gebied met kleinschalige oude ontginningen in de Mortelen. Ger van den Oetelaar  zal ingaan op de geschiedenis en de huidige situatie van de twee prachtige middeleeuwse landgoederen. De ‘Heren van Boxtel en de ‘Norbertijner Abdij  van ’t Park’ waren de middeleeuwse eigenaren van  ‘Landgoed Velder’ respectievelijk Heerenbeek. Landgoed Velder  diende ter verhoging van de status van de ‘Heren van Boxtel’en werd voor de jacht gebruikt. Landgoed Velder bekend van o.a. de ‘Liempdse werktuigdagen ’van 1946 tot 1996. De trein stopte er  op die dagen zelfs, is thans eigendom  van de familie van Frans van Boeckel. Nu worden er andere evenementen gehouden zoals CIRCO CIRCOLO. Landgoed Heerenbeek werd gebruikt voor de landbouw en de invloed van de Norbertijnen is nu nog te zien in bijvoorbeeld de Vlaamse schuur uit 1628. Veel interessante onderwerpen komen uitgebreid aan bod, zoals de unieke grenswallen, die van zeer hoge landschappelijke waarden zijn, de sterrenbosstructuur op Velder, de geschiedenis van het eigendom van de landgoederen, de bijzondere ligging op de grens van de drie Meierijse kwartieren ( Kempenland, Peelland & Kwartier van Oisterwijk) en de monumentale panden die op het gebied van Velder en Heerenbeek te vinden zijn. 

Ger van den Oetelaar  is lange tijd wethouder van Boxtel geweest. Hij was tot medio 2016 voorzitter van Stichting De Brabantse Boerderij. Verder is hij betrokken bij verschillende projecten van Stichting De Brabantse Boerderij en werkt hij voor stichting ARK in Nijmegen die zich bezig houdt met projecten natuurontwikkeling. Hij schrijft boeken en is voorzitter van het bestuur van Stichting Schaapskooi in Schijndel. We kennen Ger van den Oetelaar ook van Brabants Landschap, Stichting Nationaal  Landschapspark Het Groene Woud en het door hem ontwikkelde Streekfonds en Brabantse Bronnen. Hij heeft in 2015 boek geschreven over landgoed Velder en landgoed Heerenbeek. 
 

Tussen Aarleseweg en Broekstraat

Geplaatst 17 jan. 2018 10:55 door Ton van Erp   [ 17 jan. 2018 11:05 bijgewerkt ]

In het gebied Best-Aarle, tussen de Aarleseweg, Broekstraat en Kapelweg, ontwikkelt de gemeente Best een woongebied. Om te voorkomen dat de archeologische resten tijdens de bouw van het woongebied verdwijnen, hebben archeologen van Archol in samenwerking met Diachron hier in  2009 – 2012 een archeologische opgraving uitgevoerd. In totaal is maar liefst 60 hectare landbouwgrond opgegraven, waarbij veel kennis over het verleden van Aarle is vergaard. Naast de resten van bewoning uit de late prehistorie en Romeinse tijd zijn enkele middeleeuwse boerenerven aangetroffen, waarvan de ontwikkeling tot in de twintigste eeuw kon worden gereconstrueerd.

Van de opgravingresultaten is uitvoerig verslag gedaan in het Archol-rapport 280: 
"Tussen Aarleseweg en Broekstraat. Archeologisch onderzoek van een historisch cultuurlandschap in Aarle, gemeente Best". Het rapport openbaart een bewoningsgeschiedenis van meer dan 3000 jaar en is daarmee een enorme verrijking van de kennis over het verleden van Best. De grondige analyse van de sporen en vondsten en de wisselwerking tussen de verschillende disciplines (archeologie, botanie, fysische geografie, historische geografie, toponymie en micromorfologie) hebben bovendien een bijzonder bruikbaar document opgeleverd, dat nog vele jaren als leidraad kan dienen voor toekomstig onderzoek in de regio. 

Op maandag 8 januari kregen Ingrid van Beek, directeur Cultuurspoor/bibliotheek en Harrie van Vroenhoven, voorzitter Heemkundekring “Dye van Best” een exemplaar van het rapport (628 bladzijden) uit handen van wethouder Marc van Schuppen.
Heeft u belangstelling voor het rapport? U kan het lenen bij de bibliotheek en onze leden bij de Heemkundekring “Dye van Best”. Het rapport is ook gratis te downloaden via: http://www.archol.nl/pdf/ of https://www.gemeentebest.nl/nieuwbouwproject-aarle.



foto's Michiel Wasmus Photography

Molenaarsambacht op Lijst Immaterieel Erfgoed

Geplaatst 27 dec. 2017 11:23 door Ton van Erp   [ 27 dec. 2017 11:32 bijgewerkt ]

Unesco zet ambacht van de molenaar op Lijst Immaterieel Erfgoed
Het Nederlandse molenaarsambacht is ingeschreven op de Representatieve Lijst van Immaterieel Cultureel Erfgoed van de Mensheid. Dat maakte het Comité behorend bij het Unesco-verdrag over immaterieel erfgoed op 5 december 2017 bekend in Zuid-Korea.
Ingrid van Engelshoven, minister van cultuur, is trots: “Het is fantastisch dat voor het eerst Nederlands immaterieel erfgoed is opgenomen op deze lijst. Het molenaarschap is een prachtig ambacht dat door en door verweven is met Nederland.”
Inspanningen
Door de inspanningen van Het Gilde van Vrijwillige Molenaars, Vereniging De Hollandsche Molen, Het Ambachtelijk Korenmolenaarsgilde en het Gild Fryske Mounders is het gelukt om het molenaarschap op te nemen op de Representatieve Lijst. In Zuid-Korea kreeg het Nederlandse nominatiedossier het stempel ‘voorbeeldig’. 
Behoud voor de toekomst
Sinds de negentiende eeuw zijn veel molens tot stilstand gekomen. Met het stilzetten van de molens ging ook de kennis van het werken met molens verloren. Het ambacht van de molenaar dreigde uit te sterven. Tegenwoordig laten vijftig beroepsmolenaars en honderden vrijwillige molenaars de wind- en watermolens in Nederland weer draaien. Er is een opleiding voor vrijwillig molenaar opgezet. Ook zetten de vrijwilligers zich in om kennis over het ambacht van molenaar te delen met het grote publiek, zoals door de organisatie van de Nationale Molendag. Van Engelshoven: “Immaterieel erfgoed kan alleen blijven bestaan, als het zich mee ontwikkelt met de tijd. Dat is precies wat de molenaars in Nederland doen. Ze hebben mooie plannen voor de toekomst.”

Verdrag
In 2012 heeft Nederland het Unesco Verdrag ter Bescherming van het Immaterieel Cultureel Erfgoed geratificeerd. Immaterieel erfgoed bestaat uit tradities, rituelen, gebruiken en ambachten die mensen niet verloren willen laten gaan en die ze willen doorgeven aan volgende generaties. Immaterieel erfgoed is dynamisch erfgoed en het beschermen ervan vraagt een andere aanpak dan het beschermen van monumenten en museumobjecten. Immaterieel erfgoed wordt gedragen door gemeenschappen en gaat mee met zijn tijd. Beschermen betekent dan ook levend houden en kennis en vaardigheden doorgeven.  
Nationale Inventaris Immaterieel Erfgoed
Om voorgedragen te kunnen worden voor de internationale Unesco-lijst, moet het immaterieel erfgoed eerst op de Inventaris Immaterieel  Cultureel Erfgoed in Nederland zijn geplaatst. De coördinatie van deze inventaris is in handen van het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland (KIEN).

(Bron: https://www.unesco.nl/artikel/unesco-zet-ambacht-van-de-molenaar-op-lijst-immaterieel-erfgoed)

Lezing 9 januari 2018 over Eindhoven en de ramp van 1 februari 1953.

Geplaatst 27 dec. 2017 08:00 door Ton van Erp   [ 27 dec. 2017 08:01 bijgewerkt ]

Op dinsdag 9 januari 2018 20.00 u in de kleine zaal van de Prinsenhof houdt heemkundekring Dye van Best een  lezing door Peter Trommar  over:
Eindhoven en de ramp van 1 februari 1953.
Op 1 februari a.s. is het 65 jaar geleden dat ons land getroffen werd door de grootste natuurramp van de twintigste eeuw. 
Meer dan 1800 slachtoffers waren te betreuren bij deze alles verwoestende stormvloedramp.
Hoe dit kon gebeuren wordt besproken vanuit de geologische geschiedenis. De invloed van de eerste wereldoorlog, de crisisperiode en de tweede wereldoorlog op de kwaliteit van de dijken komt aan de orde.
Oorspronkelijke filmbeelden uit 1953 laten zien hoe wind en water die nacht tekeer zijn gegaan.
Speciale aandacht krijgt de rol die Eindhoven heeft gespeeld bij de hulpverlening.
Door de vele acties, het opnemen van meer dan 1500 evacués  en het adopteren van de gemeente Halsteren liet onze stad zich van zijn beste kant zien.
Ook wordt aandacht besteed aan de deltawerken en tenslotte wordt de vraag gesteld en beantwoord “Is Nederland veilig”?
Peter Trommar gaat met U terug naar 1953 en laat zien hoe Eindhoven als gemeente het voortouw nam bij de hulpverlening en hoe de strijd tegen het water is en wordt aangepakt.
Ook zal hij ingaan op de rol die de Bata fabriek  uit  Best  speelde bij deze ramp.

 

Peter Trommar is oud aardrijkskunde leraar van het Eckart college met een voorliefde voor de stadgeografie van Eindhoven.

Lezing 12 december 2017 over Bidprentjes en genealogie

Geplaatst 16 nov. 2017 05:54 door Ton van Erp   [ 16 nov. 2017 05:55 bijgewerkt ]

De lezing door Ferrie Moubis gaat over "Bidprentjes en genealogie". Na de uitvinding van de boekdrukkunst werd Antwerpen een centrum van “beeldekensmakers”. Deze prentenmakers legden zich toe op het maken van evotieprentjes. De Antwerpse devotieprentjes werden in de 17e en 18e eeuw een begrip in de katholieke wereld. In het midden van de 17e eeuw ontstond in Haarlem het gebruik om op de achterzijde van devotieprentjes een verzoek om gebed voor een overledene te zetten. In de 19e eeuw werd een “bidprentje” maken voor overledenen een algemeen gebruik in de Zuidelijke Nederlanden. Na 1800 komen de bidprentjes niet meer uit Antwerpen maar voornamelijk uit Parijs waar de zogenaamde St.Sulpice cultuur ontstaat. Na 1900 ontstaat er een grote diversiteit in prenten, veelal door lokale drukkers in Nederland en België gemaakt. Voor bidprentjes worden meer en meer foto’s en kunst met een grote K gebruikt. In de jaren ’60 verandert er niet alleen veel in de R.K. kerk maar ook in het bidprentje. Het verzoek om gebed voor de overledene maakt plaats voor een herinnering aan de overledene. Het bidprentje wordt een gedachtenisprentje. In ons land en in België zijn een aantal enorme verzamelingen van bidprentjes. Dankbare bronnen voor genealogen om gegevens te vinden maar ook met prachtige afbeeldingen die goed te gebruiken zijn om een publicatie te verfraaien.

Ferrie Moubis doet al meer dan 25 jaar onderzoek naar de familie Moubis en aanverwante families zoals de Bitter, Esseling, van Teeffelen, Pellens en Canoy.
Hij verzamelt bidprentjes en boeken over regionale geschiedenis van Noord Limburg en Oost Brabant. Sinds 2005 lis hij lid van het Stamboom Forum.

Lezing 14 november 2017 over Brabantse cultuur, taal en identiteit

Geplaatst 29 okt. 2017 09:48 door Ton van Erp

Nen Bestse, Brabander, Nederlander…wat willen we daar eigenlijk mee zeggen? Onze identiteit  hangt sterk samen met onze komaf, de omgeving  waar we vandaan komen. Maar de laatste decennia is er nadrukkelijk op gewezen dat dé Brabander en dé Brabantse identiteit niet bestaan.  
Mensen die in Brabant wonen, zijn zo  verschillend dat je ze niet over één kam kunt  scheren: we zijn niet allen Rooms-Katholiek, we vieren niet allen carnaval en we zijn niet altijd zo gezellig en gastvrij als er wordt gedacht. Toch  kennen veel Brabanders wel het gevoel Brabants te zijn, het gevoel dat is gebaseerd op waar je  vandaan komt en bij welke gemeenschap je hoort. Daarbij kun je je thuis voelen en daar kun je trots op zijn. Let maar eens op hoeveel rood-witte Brabantse vlaggen je ziet bij mensen in de tuin of aan de gevel. Als de Brabantse identiteit niet bestaat, wat is dat Brabant-gevoel dan wel? 

In deze lezing gaat Jos Swanenberg in op de vraag hoe in Noord-Brabant taal en cultuur onze identiteit vormen, ook bij nieuwe en jonge Brabanders. 
Jos Swanenberg (Gemert 1968) is bijzonder hoogleraar Diversiteit in Taal en Cultuur in Brabant aan de Universiteit van Tilburg. Daarnaast werkt hij als adviseur en redacteur voor de stichting Erfgoed Brabant in ’s-Hertogenbosch. 

1-10 of 24