Beginpagina‎ > ‎Info‎ > ‎

Nieuwsarchief

Lezing 13 december 2016 over Multicultuur van de Brabantse winterfeesten

Geplaatst 13 nov. 2016 09:36 door Ton239   13 nov. 2016 09:36 bijgewerkt ]
De ‘multicultuur van de Brabantse winterfeesten’ ‘Zwarte Piet en de zwarte koning Caspar’ is de titel van de lezing.
Tijdens deze (actuele) lezing laat Paul Spapens zien dat belangrijke traditionele feesten als St. Maarten, Sinterklaas, Nieuwjaar, Driekoningen en carnaval doorspekt zijn van invloeden uit andere culturen en landen. De lezing met dia’s duurt ruim een uur (zonder pauze).

Paul Spapens schreef deze lezing oorspronkelijk in verband met de traditie van het Driekoningenzingen in Midden-Brabant. Driekoningenzingen is de enige traditie in deze regio die staat op de nationale inventaris van het immaterieel erfgoed. Het is tevens met afstand de oudste traditie die we kennen en die nog steeds wordt gevierd. In de lezing laat Paul Spapens onder meer zien dat culturele uitwisseling zich altijd al heeft voorgedaan. Je ziet dat op heel veel manieren terug in de belangrijkste culturele feesten van de Brabanders. St. Maarten, een feest in opkomst, is genoemd naar een Romeins soldaat die in het vroege Christendom het
goede voorbeeld gaf om materiële welvaart met armen te delen. Het van de Chinezen afgekeken vuurwerk dat in de nieuwjaarsnacht wordt afgestookt is door
dienstplichtige militairen meegebracht uit ‘ons Indië’. De Driekoningen vormen een zeer interessant voorbeeld van multiculturalisatie want Caspar, Melchior en Balthasar waren respectievelijk afkomstig uit Afrika, Azië en Europa. De vernieuwingen en veranderingen die zich als gevolg van demondialisering voltrekken pakken niet altijd even positief uit. Een hoogst actueel voorbeeld daarvan is Zwarte Piet die langzaam maar zeker een Roetpietwordt.

Paul Spapens is gespecialiseerd in onderwerpen als het Driekoningenlezing. Hij is een inmiddels gepensioneerd dagbladjournalist. Als cultuuronderzoeker publiceerde hij meer dan honderd boeken over immaterieel erfgoed en identiteit. De laatste jaren heeft hij zich gespecialiseerd in de volkscultuur die immigranten meebrengen. Dit onderwerp speelt tegenwoordig nadrukkelijk een grote rol in de samenleving

Ambacht ‘handmatig vervaardigen van klompen’ in ere hersteld

Geplaatst 9 nov. 2016 20:36 door Ton239   9 nov. 2016 20:36 bijgewerkt ]
De dorpen Liempde, Best, Schijndel en Sint-Oedenrode grenzen aan het natuurgebied De Scheeken, een van de kerngebieden in Het Groene Woud. Een gebied bekend om zijn historische populierenbeplanting, waar vroeger veel klompenmakers actief waren. Het plaatsen van het handmatig maken van klompen op de Immaterieel Cultureel Erfgoed Lijst op 12 april 2013 was voor de Heemkundekring Dye van Best aanleiding om ook werkelijk te zorgen dat het vak van het handmatig vervaardigen van klompen ook lokaal niet gaat uitsterven. Dit door middel van een cursus ‘handmatig klompen maken’, die een financiële bijdrage heeft ontvangen van Streekfonds Het Groene Woud.

Voorzitter Harrie van Vroenhoven van Heemkundekring Dye van Best: “Wij hebben contact gezocht met de heemkundekringen Liempde, Schijndel en Sint-Oedenrode om samen te bekijken of we konden komen tot een cursus handmatig klompen maken. In Best hadden we in 1914 een klompenvakschool. Dit was een opleiding van drie jaar met gemiddeld twintig leerlingen. In 1924 werd deze opleiding opgegeven wegens gebrek aan belangstelling. In Sint-Oedenrode werd in 1942 een nieuwe vakschool opgericht. Deze vakschool heeft slechts bestaan tot 1947. Nu dreigt het handmatig maken van klompen uit te sterven, vandaar het idee van een cursus”. Tijdens de informatieavond bleek dat er veel belangstelling was voor het volgen van zo’n cursus. Uiteindelijk hebben zich 14 cursisten aangemeld voor de cursus.
“Voor het geven van een cursus zijn we te rade gegaan bij de Stichting Klompenmonument en hebben we contact gezocht met Nicole van Aarle, werkzaam als zelfstandige klompenmaakster en tevens secretaris van de eerder genoemde stichting. We hebben de mogelijkheden besproken en tevens gekeken naar de kosten van zo’n cursus. Om enigszins tegemoet te komen in de kosten is door Heemkundekring Dye van Best een projectvoorstel ingediend bij de Stichting Streekfonds Het Groene Woud. Het bestuur van deze stichting heeft positief op de aanvraag gereageerd. “

Uitsterven oude ambacht
Met pijn in haar hart constateerde Nicole van Aarle in haar klompenschuurtje aan de Helmondseweg 3a in Aarle-Rixtel dat het aloude ambachtelijk klompenmakersvak dreigt uit te sterven en daarom geeft ze regelmatig cursussen in het handmatig vervaardigen van klompen. De cursus die nu geïnitieerd is door heemkundekring Dye van Best leidt op om straks zelfstandig klompen te kunnen maken, van bol tot klomp. “Het is een lichamelijk zware cursus, waarbij het vooral gaat om het echte vak van klompenmaker te leren. Na afloop van de cursus zal de eerste tijd ook nog veel thuis geoefend moeten worden. Bij een ander deel van de cursus ligt de nadruk niet op het maken van klompen, maar vooral over de verhalen die je kunt vertellen over de klomp, het gereedschap, de geschiedenis.”
De cursisten gaan hun opgedane kennis ook verder verspreiden. Zo wordt in Liempde in 2017 bezoekerscentrum D’n Liempdsen Herd geopend waar demonstraties worden gegeven. In Sint-Oedenrode gaat cursist Marc van Diest, op de locatie waar zijn opa klompenmaker was, een klein museum inrichten met oud klompengereedschap met de bedoeling ook demonstraties te gaan verzorgen. In Best heeft Ad van der Vleuten, eigenaar van de Vleutse Hoeve, reeds een ruimte ingericht met klompen, klompengereedschap, een oude klompenmachine en is er een film te zien hoe klompen worden gemaakt. Ook hier worden in de toekomst demonstraties gegeven. Nog een laatste oproep van Nicole van Aarle: “Om cursussen te kunnen blijven geven en het beschikbaar kunnen stellen van gereedschap aan de cursisten is er vraag naar oud klompenmakers gereedschap dat niet meer gebruikt wordt en bij ons een tweede toekomst krijgt”.

Lezing 8 november 2016 over Sint Nicolaas

Geplaatst 2 nov. 2016 14:51 door Ton239   2 nov. 2016 14:51 bijgewerkt ]
Op dinsdag 8 november 2016 organiseert de Heemkundekring `Dye van Best` in de grote zaal van de Prinsenhof een lezing door Jan Franken over:
De geschiedenis en tradities van een goedheilig man

De historische Nicolaas werd geboren in Lydië en omstreeks 350 gekozen tot bisschop van Myra in het Oost-Romeinse Rijk [nu in Turkije]. Na zijn dood werden de verhalen over de goedgeefse bisschop even zovele legenden waarin het getal drie een grote rol speelt. Vanuit die legenden werd hij de patroon van uiteenlopende groeperingen: van studenten, van handelaren, van schippers, reizigers, moordenaars, arme kinderen en bakkers. Hij stond ook bekend als huwelijksmakelaar.
Zijn roem verbreidde zich over het Byzantijnse Rijk en Rusland. Van dat laatste land is hij de patroonheilige. Het graf van de beroemde heilige werd een bedevaartsoord.
Toen Normandische edellieden uit Sicilië zijn graf bezochten, in de kruistochtentijd, en het omringd zagen door Turkse overheersers, hebben ze zijn gebeente opgegraven. Ze brachten het in het geheim naar Bari in Zuid-Italië.
Vanuit Bari verspreidde de nagedachtenis van de Sint Nicolaas via de Normandiërs zich over West-Europa. Hij werd de Sinterklaas van de middeleeuwen. Het openbare feest van de Sint werd in protestantse streken en tijden verboden, maar ging binnenshuis gewoon door als familiefeest. Zelfs een uitrusting met pietermannen, uitgedost als Spanjolen op een boot uit het vijandelijke Spanje, kon hem niet deren. En tot op vandaag kan Sint u verblijden met verhalen, anekdotes, gedichten en geschenken.
Deze avond zal u een verrassende onthulling ten deel vallen.

Jan Franken was docent Hoger Onderwijs en is dat nog bij de KBO. Hij is een fervent heemkundige (De Kleine Meijerij) en was bestuurslid van de provinciale organisatie Brabants Heem. 

Lezing 11 oktober 2016 over Jeroen Bosch

Geplaatst 17 sep. 2016 11:18 door Ton239   17 sep. 2016 11:19 bijgewerkt ]
De in Best geboren kunst- en cultuurhistoricus dr. Ger Jacobs leidt u in een lezing op zijn enthousiaste manier rond in de wonderlijke wereld van Jeroen Bosch. Naar een tijd die misschien wel erg veel lijkt op onze eigen tijd….. Duivelse figuren, afschrikwekkende monsters, engelen en heiligen in een mysterieuze omgeving waar illusie, hallucinatie en nachtmerrie hoogtij vieren. Jeroen Bosch schilderde ze niet op zijn panelen om er lekker bij te kunnen griezelen. Maar die wonderlijke gedrochten gebruikte hij om de grote thema’s van zijn tijd op een onnavolgbare wijze te laten zien: de verleiding en de zonde, de hypocrisie en de onverschilligheid, de rekenschap en de  straf. Het waren de kenmerken van een maatschappij in   
verwarring; de overgang tussen de middeleeuwen en de renaissance. De heldere middeleeuwse relatie tussen de mens, zijn omgeving en de Schepper schudde op zijn grondvesten. De groots opgezette overzichtstentoonstelling in het Noord Brabants Museum van Den Bosch trok in het voorjaar miljoenen bezoekers naar de topstukken uit de grote musea van de wereld: De Hooiwagen uit het Prado, Het Narrenschip uit het Louvre,  De Visioenen van het Hiernamaals uit de  Galleria dell'Accademia en meesterwerken uit o.a. Museum Boijmans Van Beuningen en het New Yorkse Metropolitan Museum. Ze geven de beschouwer allemaal op hun eigen wijze  de gelegenheid binnen te treden in de ongeremde fantasiewereld van Jeroen Bosch. 
     
Dr. G.T.A. (Ger) Jacobs, geboren in Best (N.Br.) 10-111943 waar hij de lagere school en de mulo  volgde. Daarna studeerde hij aan de R.K. Kweekschool in Eindhoven. Hij was achtereenvolgens 5 jaar onderwijzer/plv. schoolhoofd aan een lagere school in Velddriel  (Gld) en 3 jaar directeur van een creatief centrum in Waalwijk. Hierna was hij 33 jaar als docent en p.r. functionaris werkzaam aan het Jan van Brabant College in Helmond waar hij ook kunst- en cultuurcoördinator was. Hij doceerde aan de hoogste klassen van het havo en vwo culturele en kunstzinnige vorming,  kunstgeschiedenis en kunstbeschouwing.  Hij behaalde aan de Academie van Tilburg de eerstegraads bevoegdheid handvaardigheid en kunstgeschiedenis. Aan de Open Universiteit Nederland studeerde hij filosofie en cultuurwetenschappen. Hij rondde deze studie af met een doctoraalscriptie over de Franse beeldhouwer Auguste Rodin. Hij promoveerde tot doctor aan de Universiteit van Leiden met een onderzoek naar de invloed van Aristide Maillol op de Duitse beeldhouwkunst tussen 1900 en 1945, speciaal tijdens het naziregime. Hij schreef een methode kunstbeschouwing voor het voortgezet onderwijs, diverse boeken over Brabantse kunstenaars en publiceerde een aantal essays en artikelen in tijdschriften voor kunst en cultuur. Ger Jacobs woont en werkt in Beek en Donk (N.Br.) 

Zeer geslaagde Brabantse Heemdagen

Geplaatst 14 aug. 2016 18:58 door Ton239
Met een gevarieerd programma heeft de Heemkundekring Dye van Best op 4 en 5 augustus 2016 ruim 80 heemkundigen uit Brabant kennis laten maken met het erfgoed en de schoonheid van Best en zijn buitengebied.

Onder het motto: “Brabant op zijn BEST”  zijn in 2 dagen de meest karakteristieke plaatsen van Best te voet en op de fiets bezocht. Mede dankzij de kennis en inzet van de bestuursleden, vrijwilligers en gidsen (veelal eigenaars of bewoners van erfgoed) en de medewerking van de Gemeente Best hebben vele Brabanders kunnen ervaren dat Best niet alleen een plaats is aan snelwegen, kanalen en spoorlijnen, maar wel degelijk een de moeite waard is voor een individueel bezoek. 
Na ontvangst op het Gemeentehuis door het gemeentebestuur en het Gilde St. Odulphus volgde de officiële opening door het bestuur van de Stichting Brabants Heem.  
Voor velen was het unieke verhaal van het ontstaan van de Odulphus kerk, de verbondenheid met de gemeente en de inrichting van het centrum de Odulpus een eye-opener. Ook de verzameling van het museum de Bevrijdende Vleugels maakte indruk.. De 1e dag werd afgesloten met een diner in het Boshuys, begeleid door muziek van Ruud van der Heijden.
Op 5 augustus zijn in groepen van 20 personen per fiets, via verschillende routes, bezoeken gebracht aan de St. Annakapel, het Batadorp, de Aarlese Hoeve, de Burghoeve en de Tiendschuur, waar tijdens de lezing  over het Groene Woud de lunch werd gebruikt. Onderweg was de horizon in het landschap nog niet overal verdwenen achter het mais (door het weer van de afgelopen tijd had de mais nog niet de maximale hoogte). Met de zon erbij  gaf dit vele fraaie vergezichten die de schoonheid van het landschap, waar we als Bestenaren onderdeel van zijn, accentueerden. 
Op het terras en in het klompenmuseum bij de Vleutse hoeve werd het klompenmakers ambacht uitgebeeld. De dag eindigde met een quiz over Best. Tijdens het buffet in de Prinsenhof werd menig lied van de zanggroep Vleuts Volk enthousiast meegezongen. 
Twee dagen Best Promotion lokte vele enthousiaste reacties uit en beloftes om privé nog eens terug te komen.

Lezing 10 mei over Dodendraad

Geplaatst 25 apr. 2016 14:29 door Ton239   25 apr. 2016 14:29 bijgewerkt ]
Hoogspanning aan de Belgisch-Nederlandse grens Herman Janssen en Frans Van Gils, twee leden van heemkundekring Amalia van Solms (Baarle-Nassau-Hertog) en van de heemkundige werkgroep Zondereigen (een gehucht van Baarle-Hertog), vertellen aan de hand van 200 unieke foto’s over de Duitse inval in België in WO1, de bezetting, de grensbewaking aan beide kanten van de grens, het oprichten van de dodendraad en de gevolgen ervan voor de grensbewoners. 
Het Duitse leger sloot van medio 1915 tot november 1918 heel de Belgisch-Nederlandse grens af met een elektrische draadversperring van ongeveer 2.000 volt in een ultieme poging om het clandestiene grensverkeer stil te leggen. De dodendraad liep van Knokke tot Gemmenich (van Cadzand tot Vaals). Hij heeft minstens een duizendtal mensenlevens gekost. De Draad, ook Dodendraad of Dodenhek genoemd, was een 332 kilometer lange draadversperring die tijdens de Eerste Wereldoorlog door de Duitse bezetters van België werd aangelegd langs de grens tussen het bezette België en het neutrale Nederland.[1] In Duitse stukken werd de versperring officieel aangeduid als Grenzhochspannungshindernis. [2] De versperring moest verhinderen dat oorlogsvrijwilligers en Duitse deserteurs België ontvluchtten. Tevens moest het hekwerk verhinderen dat spionageberichten uit bezet gebied via Nederland geallieerde spionagediensten bereikten en diende
smokkel tegen te houden.

Herman Janssen (B, °1957) is lid van heemkundekring Amalia van Solms (Baarle-Hertog-Nassau) sinds 1989 en bestuurslid vanaf 1995. Sinds 2003 verricht hij archiefonderzoek naar de plaatselijke geschiedenis van WO I. In 2011 werd hij als Belg (en wonende in België) opgenomen in de Orde van Oranje-Nassau, een
 Nederlandse onderscheiding voor maatschappelijke verdiensten gekenmerkt door persoonlijke inzet, visie en kwaliteit. Herman verzorgde de eindredactie van het boek “Hoogspanning aan de Belgisch-Nederlandse grens” en leverde zelf een tiental bijdragen aan.

Frans Van Gils (B, 1944) is voorzitter van de Heemkundige werkgroep Zondereigen en oudvoorzitter van de jeugd- en cultuurraad van BaarleHertog. Hij werkte mee aan het fotoboek “Een eeuw Zondereigen” en aan twee gegidste wandelingen (het Grillige Grenzenpad en de Vredeswandeling). Als ouddirecteur van het basisonderwijs zet hij zich in voor pedagogische projecten zoals de Vredesdagen en de Archeologische dagen.

Frans en Herman bespreken hun pedagogische en toeristische realisaties, gekaderd in de honderdste herdenking van de “Groote Oorlog”. Met dit project wonnen zij in 2014 de Knippenbergprijs. 

Lezing 12 april 2016 over Het rijke Roomse leven

Geplaatst 25 mrt. 2016 20:37 door Ton239   25 mrt. 2016 20:39 bijgewerkt ]
Het Rijke Roomse Leven is in katholiek Nederland de aanduiding voor de periode 1860-1960, waarin door het benadrukken van de katholieke identiteit, door
gerichtheid op Rome, en dankzij een rijke liturgie, de katholieke cultuur een ongekende bloei beleefde. De katholieken in Nederland in de eerste helft van de
twintigste eeuw waren over het algemeen niet rijk. De katholieke emancipatie kreeg daarom naast een religieuze ook een sociaal-politieke dimensie. Het
katholiek onderwijs, de katholieke pers en het katholiek verenigingsleven werden sterk ontwikkeld. In vrijwel iedere fase van het leven en op ieder terrein van het maatschappelijk leven werd de eigen katholieke identiteit benadrukt. Het trotse benadrukken van katholieke identiteit in de organisaties van de katholieke zuil en de gerichtheid op Rome brachten, samen met een rijke liturgie en een bloeiende verering van Maria en de heiligen een bloeiende katholieke cultuur tot stand.
Een goede kans dat u de laatste restjes van het rijke roomse leven in Brabant nog heeft meegemaakt:
catechismus, eerste communie, schoolbiecht, misdienaren, processies. De devotie was duidelijk zichtbaar in het openbare leven. Maar het katholieke geloof had ook invloed op het privéleven, tot in de slaapkamer toe. De roomse leer keerde zich immers tegen alles wat naar onkuisheid zweemde. Een lezing over de katholieke seksuele moraal en de gevolgen daarvan voor de economische en sociale ontwikkeling van de Brabantse samenleving.

René Bastiaanse is een Nederlandse historicus, televisie presentator, auteur en sinds 2002 Directeur van het Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC). Voor zijn benoeming tot rijksarchivaris van Noord-Brabant was Bastiaanse directeur van het Museum Markiezenhof in Bergen op Zoom. Bastiaanse werd bekend met de serie de Wandeling op Omroep Brabant, waarin hij elke week,wandelend, de geschiedenis besprak van een Noord-Brabantse plaats. 

Wisseling bestuursleden 2016

Geplaatst 24 mrt. 2016 22:00 door Ton239   24 mrt. 2016 22:03 bijgewerkt ]
Afscheid van Theo van Heesch. 

Vorig jaar gaf Theo aan het bestuur te kennen dat hij ging stoppen als bestuurslid en penningmeester. Op dat moment ben je even stil want daar gaat wel 15 jaar bestuurservaring weg.  
Harrie van Vroenhoven verteld: "Theo was iemand die zeer goed op onze centjes paste maar ook iemand, ondanks dat hij van buiten Best kwam, heel veel over Best weet. Als we in een discussie zaten zei hij weleens tegen mij: “dat jij dat niet weet als echte Beste!”. Hij wist het. Ook werd ik regelmatig door Theo gecorrigeerd op mijn Nederlands maar ja, ik ben misschien goed in praten maar schrijven is toch iets anders. Toch blijf ik er maar mee doorgaan en zie ik de mails hierover van Theo wel tegemoet".
Theo was vanaf het begin dat hij in bestuur kwam, 13 maart 2001, penningmeester. Hij volgde Theo van ’t Zand op.
Maar zijn activiteiten bleven niet beperk tot het penningmeesterschap. Vrij snel maakte hij deel uit van de Foto- en Diagroep. Hij was de laatste jaren zeer actief betrokken bij het digitaliseren van de foto’s van de gemeente Best. Bijna 5 jaar lang was hij elke vrijdagmorgen, met de andere leden van de projectgroep, in de kelder om alles te beschrijven over de foto’s van de gemeente Best. Gelukkig blijft Theo wel actief bij de Foto- en Diagroep en kunnen wij blijven terugvallen op zijn expertise.

Theo schreef graag. Hij schreef een boekje over zijn oude werkgever “De Ceder” en heeft zijn kennis ingebracht in het onlangs verschenen boek, Velder en Heerenbeek. Ook heeft hij mede de lay-out gemaakt van het boekje ‘Een school wordt 75’.  Regelmatig zien wij ook zijn stukjes terug in Uit Kelder. Ik hoop dat we nog regelmatig stukjes van Theo te lezen krijgen. Misschien krijgt hij hiervoor meer tijd. Wij zijn altijd blij met artikelen van onze leden wat zorgt dat er een grotere afwisseling komt van verhalen. 
Theo heeft de afgelopen jaren ook meerdere excursiereizen georganiseerd die allemaal vlekkeloos zijn verlopen. En als goed bestuurder leverde hij altijd hand en spandiensten en was hij al die tijd ook bezorger van onze uitnodigingen, nieuwsbrieven en ons boekje. Ik ben vast niet volledig geweest maar dat zal ik later nog weleens van Theo horen. Theo bedankt voor alles wat jij voor onze heemkundekring hebt gedaan en ook een bedankje aan jouw vrouw Diny die jou hiervoor de gelegenheid heeft gegeven. 
De voorzitter mag namens het bestuur van het Brabants Heem het Zilveren Draaginsigne van het Brabants Heem en daarbij horende oorkonde uitreiken.

Het bestuur is blij dat Rianne Martens-Peeters zich bereid heeft verklaard zitting te willen nemen in het bestuur. 
Rianne introduceert zichzelf: haar hobby’s genealogie, bidprentjes en grafmonumenten sluiten goed aan bij aandachtsgebieden van onze kring. Rianne ondersteunt haar man met zijn bedrijf en heeft daarvoor in de Gezondheidzorg gewerkt. 
De ledenvergadering stemt in met het voorstel van het bestuur om Rianne tot bestuurslid te benoemen
           

Het pluimke dit jaar voor onze voorzitter.

Geplaatst 1 feb. 2016 19:30 door Ton239   1 feb. 2016 19:48 bijgewerkt ]
De vereniging van Aouw Steeke organiseert jaarlijks de uitreiking van het Pluimke, een onderscheiding die wordt uitgereikt aan een persoon die zich op vrijwillige en belangeloze basis bijzonder verdienstelijk heeft gemaakt voor de Bestse gemeenschap. Dit jaar viel deze eer te beurt aan onze voorzitter Harrie van Vroenhoven.

Op zaterdag 30 januari 2016 vond de uitreiking van deze onderscheiding plaats in Quatre Bras in het bijzijn van zijn echtgenote Ria, kinderen en verdere familieleden. Ook het bestuur van onze heemkundekring “Dye van Best” was aanwezig alsmede enkele personen die eerder het Pluimke hebben ontvangen. Vele oud prinsen Carnaval en Ere Durdauwers luisterden de bijeenkomst op. Ook was het voor Harrie bijzonder verrassend dat Burgemeester Anton van Aert zijn gelukwensen namens het college kwam aanbieden. Jan der Kinderen, de voorzitter van de vereniging, nam het woord en ging uitgebreid in op de motieven die ten grondslag hebben gelegen aan het toekennen van het Pluimpje aan Harrie.

Zo haalde hij aan dat Harrie reeds 37 jaar lid is van de heemkundekring en sinds 2007 voorzitter. Hij omschreef hem als een zeer betrokken inwoner van Best met belangstelling op vele terreinen van het maatschappelijk gebeuren in Best, met daarbij bijzondere belangstelling voor het brede gebied van de “Geschiedenis van Best”. Bij meerdere projecten op het gebied van natuur en monumenten was/is Harrie betrokken zoals bij de Aarlese hoeve, de herinrichting van de De Scheeken, Het Groene Woud en het Land van Bosch. Jan haalde ook het laatste kunststukje van Harrie aan nl. de totstandkoming van het boek “t Goet te Arle”.

Het lidmaatschap van de Sociëteit Best, waarvan hij 9 jaar penningmeester was, werd gememoreerd. Harrie was initiatiefnemer en enige tijd voorzitter van de groep ‘Betrokken Bestenaren’ en als zodanig ook lid van de klankbordgroep inzake de herinrichting van het centrum van Best.
Ook aan de tijd van zijn werkzame leven besteedde Jan aandacht en haalde daar enkele kenmerkende eigenschappen van Harrie aan zoals vertrouwen en betrokkenheid. Veertig jaar is hij eigenaar geweest van assurantiekantoor van Vroenhoven. Het door Harrie opgerichte virtueel museum bleef in dit verband niet onvermeld.

Onder luid applaus kreeg Harrie het Pluimke overhandigd waarbij ook zijn vrouw een mooie bos bloemen kreeg overhandigd.
In zijn dankwoord ging Harrie uiteraard in op zijn activiteiten voor de heemkunde, werk wat hij met hart en ziel verricht en waarbij hij zijn doelstelling nog eens onderstreepte nl. in het jaar 2017, het jaar waarin “Dye van Best” 50 jaar bestaat, het aantal van 250 leden te bereiken. 
Ik denk dat ik namens alle leden van onze heemkundekring spreek als ik zeg dat het Pluimke dit jaar bij de juiste persoon terecht is gekomen. Wij wensen hem dan ook nog vele jaren een goede gezondheid om te kunnen genieten van zijn Pluimke. 

Cursussen in de aloude ambacht klompen maken in Aarle-Rixtel

Geplaatst 31 jan. 2016 22:09 door Ton239   31 jan. 2016 22:10 bijgewerkt ]
De dorpen Liempde, Best, Sint-Oedenrode en Schijndel grenzen aan het natuurgebied "de Scheeken", een van de kerngebieden in het Groene Woud. Een gebied bekend om zijn historische populierenbeplanting, waar vroeger veel klompenmakers actief waren. 
Met pijn in haar hart constateert Nicole van Aarle in haar klompenschuurtje aan de Helmondseweg 3a in Aarle-Rixtel dat de aloude ambacht klompen maken - behorend tot het nationaal immaterieel cultureel erfgoed - dreigt uit te sterven. Daarom geeft ze cursussen in het handmatig vervaardigen van klompen.
Bij haar zoektocht naar mensen die zo'n cursus willen volgen, kwam ze in contact met Harrie van Vroenhoven, voorzitter van heemkundekring Dye van Best. Na overleg met de heemkundekringen in Schijndel, Sint-Oedenrode en Liempde bleek dat er veel belangstelling was voor het handmatig maken van klompen.
"Tijdens een informatieavond eind 2015 werden we verrast door de vele aanmeldingen", vertelt Van Vroenhoven, terwijl de klompenmaakster haar 4 cursisten dinsdagavond een plekje geeft achter het snijpaard waar de blokken hout en het paalmes al klaar liggen. Ben Smelting uit Liempde komt uit het onderwijs en "kluste" op woensdagmiddag en zaterdag bij een klompenmaker uit Sint-Oedenrode. "Maar dat was machinaal werk en ik wilde graag het aloude ambacht onder de knie krijgen."
Terwijl hij uiterst geconcentreerd stukjes hout met het mes bewerkt, druppelen de eerste zweetdruppeltjes al van zijn voorhoofd. Gidy Swinkels uit Lieshout heeft de handigheid snel onder de knie en werkt geconcentreerd door. "Ik heb vroeger vaak op ambachtelijke gemaakte klompen gelopen. De klompenmaker bekeek mijn voet en holde de klomp zo uit, dat hij als gegoten om mijn voet zat."
"Om cursussen te kunnen blijven geven, zijn we op zoek naar oud klompenmakersgereedschap dat niet meer gebruikt wordt en bij ons een tweede toekomst krijgt", besluit Nicole van Aarle.

Artikel van website Eindhoven Dagblad 31 januari 2016

(Bericht bewerken)

Lezing 16 februari 2016 over Het Pieterpad bij stukjes en beetjes

Geplaatst 23 jan. 2016 18:10 door Ton239   1 feb. 2016 19:35 bijgewerkt ]
Het Pieterpad is waarschijnlijk de meest bekende langeafstandswandelroute van Nederland: ongeveer 490 kilometer(!) van Pieterburen in Noord-Groningen naar de Sint Pietersberg in Zuid-Limburg, waar de route aansluit op andere Europese langeafstandswandelingen.
Het Pieterpad is heel bekend en populair. Vaak wordt gedacht dat het pad er al eeuwen ligt; dat het een oude pelgrimsroute, of toch zeker een oude handelsroute is! Maar het Pieterpad bestaat nog geen dertig jaar. Rond 1980 hebben twee wandelvriendinnen, Toos Goorhuis en Bertje Jens, het Pieterpad uitgezet. De wandeling is door het NIVON vastgelegd en uitgebreid beschreven in een tweedelige gids.  De route is verdeeld in 27 etappes, in afstand variërend van 11 tot 30 kilometer. Als wandelaar kun jezelf bepalen hoelang je de etappes maakt en hoe lang je er over doet. Ook hoef je niet beslist in Pieterburen te beginnen; je kunt net zo goed van zuid naar noord lopen of willekeurig ergens een etappe starten. 
Het is niet zozeer de afstand die het Pieterpad bijzonder maakt, maar wel dat het een dwarsdoorsnede van Nederland is;  het landschap is heel gevarieerd. In Duitsland of Zweden kun je dagen lopen en alleen dennenbomen zien, maar langs het Pieterpad zie je alles: de uitgestrekte Groninger klei, het Drentse heidegebied en zijn bossen, de Sallandse Heuvelrug, de lommer¬rijke Achterhoek, de Gelderse Poort waar de Rijn door de stuwwal is gebroken, stuifduinen en tenslotte het langgerekte, gevarieerde Limburgse heuvelland; elk gebied met zijn eigen karakteristiek. Alles verandert op deze betrekkelijk korte afstand: de hoogteverschillen in het land¬schap, de flora en fauna en zelfs de stijl van huizen en boerderijen. 

Willy en Cor Vesters hebben het Pieterpad gelopen van Noord- Groningen naar de Sint Pietersberg in Zuid-Limburg, een bijzondere ervaring die ze met het gehoor wil delen. Zij geven een wandelverslag en  achtergrondinformatie over de topografie, geologie, geschiedenis en cultuur van de streek waar het Pieterpad doorheen loopt!

De lezing wordt georganiseerd samen met IVN Best en is met muzikale begeleiding van Harold van de Burgt
     

Naamloos

Geplaatst 23 dec. 2015 20:33 door Ton239   23 dec. 2015 20:36 bijgewerkt ]

Presentatie boek 't Goet te Arle

Geplaatst 23 dec. 2015 20:21 door Ton239   31 dec. 2015 13:48 bijgewerkt ]
’t Goet te Arle is de titel van een nieuw en enigste boek over de oudst bekende boerderij van West-Europa gelegen aan de Oirschotseweg 117 in Best.

Op 3 december 2015 is tijdens een druk bezochte bijeenkomst in Zalencentrum Prinsenhof in Best het nieuwe boek "’t Goet te Arle" gepresenteerd. Het boek dat is uitgegeven op initiatief van de Projectgroep de Aarlese Hoeve bestaat uit Stichting de Kapellekes, Stichting de Brabantse Boerderij en Heemkundekring “Dye van Best”. Het boek schenkt aandacht aan de historische achtergronden gedurende 750 jaar van de hoeve en de eigenaren en pachters in deze periode, de achtergronden van de boerderij, historie van het cultuurlandschap met haar akkers, de restauratie maar gaat ook in op de ontwikkelingen van de Brabantse boerderijen vanaf 1600 tot heden. Er wordt aandacht besteed aan het archeologisch onderzoek in de Aarlese Hoeve maar ook van een grootschalig archeologisch onderzoek in de directe omgeving. 

Tijdens deze bijeenkomst werd door Harrie van Vroenhoven toegelicht hoe de projectgroep tot stand is gekomen. Paul Maas gaf een korte toelichting op de inhoud van het boek. Verder spraken nog een tweetal gastsprekers, Jos Bazelmans, hoofd sector Kennis voor het Cultureel Erfgoed en stadsarcheoloog Nico Arts. De middag werd muzikaal ondersteund door de liedjeszanger Ruud van der Heijden.


Het boek is geschreven door Otto Brinkkemper, Ton van den Hurk, Jan-Willem de Kort, Paul Maas, Jan Timmers, Daniel Vangheluwe, Johan Verspay en Dick Zweers. 

De eerste exemplaren werden door de voorzitter van de Projectgroep, Harrie van Vroenhoven uitgereikt aan de burgemeester Anton van Aert, wethouder Marc van Schuppen en de familie Scheepers, de huidige eigenaren van de boerderij.

Restauratie
De publicatie van ’t Goet te Arle is onderdeel van een grootschalig project dat verder bestaat uit de restauratie van de boerderij, het ontwikkelen van een educatieprogramma, en zorgen voor een informatie voor toeristen in en in de directe omgeving van de boerderij. De boerderij is alleen open tijdens de Open Monumentendag en op afspraak ca. tien keer per jaar voor grote groepen. 
Het informatiebord voorzien van een QR-code waarop een  filmpje te zien is over de uniekheid van de Aarlese Hoeve zo uniek is. Het filmpje komt ook beschikbaar met een Engelse voice-over. 

De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, provincie Noord-Brabant en de gemeente Best hebben financieel bijgedragen om deze restauratie mogelijk te maken. Het Project De Aarlese Hoeve is financieel mede mogelijk gemaakt door bijdrage van Erfgoed Brabant, Prins Bernhard Cultuurfonds, Streekfonds het Groene Woud, de gemeente Best en de drie initiatiefnemers. Het boek ’t Goet te Arle(ISBN 978-90-73187-92-4) is verkrijgbaar via de website van Pictures Publishers www.picturespublishers.nl en bij de betere boekwinkels.

‘Klik hier’ als u het filmpje wil zien.

Foto 1: Uitreiking boek aan burgemeester Anton van Aert, Marc van Schuppen en familie Scheepers.
Foto 2: Uitreiking boek aan de auteurs van het boek.
Foto 3: Leden van de werkgroep, Adri van Vroenhoven, Ger van den Oetelaar, Harrie van Vroenhoven en Paul Maas.

Het filmpje is gemaakt door Klaas Pelzer en de foto’s zijn van Ruud van Nooijen.

Lezing 12 januari 2016 over Landgoederen in de Meierij

Geplaatst 20 dec. 2015 11:06 door Ton239   20 dec. 2015 11:07 bijgewerkt ]
Landgoederen? Je struikelt erover in Brabant! Vooral in de Meierij.
Nog altijd bestaat van Brabant een achterhaald stereotiep beeld, niet in het minst bij de Brabanders zelf. Het landschap zou er enerzijds bepaald worden door grote steden en grootschalig cultuurland (lees: maïsakkers), anderzijds door bossen, heide vennen en stuifzand. Maar dan worden de landgoederen schromelijk over het hoofd gezien. Daarvan liggen er in onze provincie liefst 150 en hun gezamenlijke oppervlakte bedraagt maar liefst 10% van de oppervlakte van Brabant.
Hoewel er landgoederen bijzitten die veel ouder zijn, zijn de meeste gesticht in de 19de eeuw. De stichters - uiteraard rijkaards - staken elkaar allemaal aan: ‘jij een landgoed? Dan ik ook!’ Vervolgens troefden ze elkaar af wie het mooiste landgoed kon aanleggen, zowel het huis als het park en de landerijen. Dat heeft ons prachtige landschappen opgeleverd, waar wij veel meer van kunnen genieten dan de stichters en hun (klein)kinderen destijds deden. De landgoederen zijn nu immers gerijpt.
Hoe interessant de architectuur van de gebouwen en stijl van de tuinen ook kan zijn, landgoederen komen vooral tot leven door de verhalen die er zich afspeelden. Het is vooral de menselijke geschiedenis die er toe doet: ‘het lief en leed dat landgoed heet’. September 2012 gaf Brabants Landschap een boek uit onder die naam, dat alle landgoederen in onze provincie zo goed mogelijk tracht te beschrijven. Het is een kloek boek geworden van 488 pagina’s en rijk geïllustreerd, want landgoederen zijn zo’n beetje het mooiste wat onze provincie te bieden heeft. 

Thijs Caspers (Nijmegen 1955) promoveerde in 1992 aan de voorloper van de Tilburg University op De geschiedenis van de natuurbescherming in Vlaanderen
van 1910 tot 1940. Hij publiceerde veel over de natuur, het landschap en de menselijke betrokkenheid daarbij,
Sinds 1999 werkt hij voor Brabants Landschap. Hij specialiseerde zich in de historische ecologie, die de betrekkingen tussen dieren, planten en mensen in
historisch perspectief bestudeert. Caspers was een van de redacteuren van het tv-programma De Wandeling van Omroep Brabant. Hij was medesamensteller van de Grote Historische topografische Atlas NoordBrabant (2005) en coauteur van het boek De Wandeling: Een selectie van 20 avonturen met René
Bastiaanse (2006)

Einde van een mega project

Geplaatst 4 dec. 2015 13:07 door Ton239   4 dec. 2015 13:08 bijgewerkt ]
Tijdens de op vrijdag 27 november 2015 in de Heemkelder gehouden feestelijke bijeenkomst werd afscheid genomen van het gezamenlijk project van de gemeente Best, onze Heemkundekring “Dye van Best” en het Regionaal Historisch Centrum Eindhoven.
In vier en een half jaar werden  duizende foto’s bekeken door een fanatieke groep van onze Heemkundekring. De groep bestond uit Theo van Heesch, Nico Vogels, Hein van Elderen, Kees Dekkers en Tom Olsa. Als ze niet direct wisten wat er op de foto stond werd in de loop van de week de fiets gepakt om de exacte plaats te achterhalen of extra informatie te verzamelen. In bijna 5 jaar tijd kwamen de werkgroepleden bijna elke vrijdag bijeen van 10 uur tot half 1. 
Dat zijn heel veel uren. Zij werden ondersteund door Marleen Dietz van het Regionaal Historisch Centrum in Eindhoven en door Tiny de Laat van de gemeente Best. Van de hoeveelheid foto's zijn er 4.529 geselecteerd, beschreven, gescand en gerubriceerd. De foto's zijn formeel overgedragen aan het RHCe in Eindhoven. Burgemeester van Aert en directeur van het RHCe Marcel Duighuijsen spraken hun waardering uit voor het vele werk dat deze werkgroep in deze had verricht. De heer Duighuijsen gaf aan dat dit een prachtig voorbeeld is van wat vrijwilligers kunnen betekenen en hoopt dat dit ook op andere plaatsen navolging krijgt. Een enorme prestatie die met veel inzet en volharding leidde tot een prachtig resultaat.

Lezing 8 december 2015 over de Boteroorlog in Best

Geplaatst 27 nov. 2015 19:14 door Ton239   27 nov. 2015 19:19 bijgewerkt ]
In 1900 zagen boterhandelaren onder leiding van Adr. de Wert uit Best hun macht bedreigd door het ontstaan van botercoöperaties van de boeren. 
Aan de hand van ruim honderd nostalgische afbeeldingen wordt de opkomst van de melkveehouderij in Oost-Brabant uit de doeken gedaan. Daarbij komt nadrukkelijk de rol van Adr. de Wert, in zijn verzet tegen de opkomende boerencoöperaties in beeld.  Een bijrolletje is er weggelegd voor burgemeester J. Dobbelaere,  Ook wordt de verdere ontwikkeling van de primitieve boterfabrieken als bakermat van het huidige, wereldwijd opererende Friesland Campina-concern geschetst. Boter zal de basis blijken te zijn van de huidige welvaart op het Brabantse platteland.

Bas Bierkens is voormalig redacteur van het Brabants en het Eindhovens Dagblad.
Hij publiceerde in 2011 zijn boek ‘Boter uit de Kempen’, waarin de geschiedenis van de boterfabrieken is beschreven.
Eerder bracht hij de boeken ‘De sigaar uit de Kempen’ en ‘De memoires van Jef Wintermans 1877-1955. Landbouwpionier, politicus en journalist’ uit.

Lezing 10 november 2015 over Gezin XXL (grote gezinnen)

Geplaatst 4 nov. 2015 23:03 door Ton239   4 nov. 2015 23:09 bijgewerkt ]
De lezing geeft duidelijkheid over de geschiedenis van hele grote gezinnen. Waarom zijn ze ontstaan, wat zijn daarvoor de verklaringen, hoe groot was de
invloed van de kerk daarop en welke andere oorzaken speelden een rol? 
Aan de orde komt verder hoe grote gezinnen leefden. Wat speelde zich af, hoe beleefden moeder, vader en de kinderen zelf hun eigen jeugd? Hoe ging dat aan
tafel, welke afspraken waren er? Hoe reageerde de buitenwacht? Welke afspraken golden en hoe en waar sliepen ze allemaal? Wat kwam er op tafel? Hoe werd
de zaak financieel gerund en wat gebeurde er met verjaardagen en op andere feestdagen? Hoe verliep de dagelijkse gang van zaken en was er voldoende kleding? Droegen de gezinsleden elkaars schoenen en hoe ging dat met baden en wassen? Hoe vermaakten ze zich en gingen ze wel eens op vakantie?

De lezing geeft op al deze vragen wel een antwoord, al was het wel zo dat er op grote gezinnen geen sjabloon is te leggen. Overal werd er wel anders met
bijvoorbeeld veel mensen aan tafel om gegaan, maar duidelijk is wel dat er heel creatief met problemen werd om gesprongen.
De lezing geeft ten slotte een beeld van grote gezinnen nu. Bestaan ze nog dan En het antwoord is: ja!

Ad Rooms is journalist, auteur en spreker. Hij werd geboren op 7 juli 1947 in Kruisland en groeide op in een katholiek gezin. Hij heeft als journalist gewerkt als hoofdredacteur van het toenmalige Brabants Nieuwsblad en lid van de hoofddirectie van de Stem.
Sinds 1995 schrijft hij over het Rijke Roomse leven.

Lezing 13 oktober 2015 over Leven met en na Auschwitz

Geplaatst 8 sep. 2015 21:14 door Ton239   8 sep. 2015 21:15 bijgewerkt ]
Herman Teerhöfer heeft 60 overlevenden van Auschwitz (in de leeftijd van 81 tot 97 jaar) geïnterviewd in Nederland, België, Israël en Engeland. Dit alles in de afgelopen vijf jaar. In de lezing doet Herman verslag van de interviews en gaat hierbij in op de vraag waaruit mensen kracht putten in dergelijke extreme omstandigheden. Ook geeft hij antwoord op de vraag hoe deze mensen om zijn gegaan met hun traumatische ervaringen en zin gegeven hebben aan hun verdere leven. Aan de hand van korte interviewfragmenten (2 à 5 min) die Herman met Nederlandse Auschwitz-overlevenden gehouden heeft, licht hij toe hoe zij zich geestelijk staande hebben gehouden in Auschwitz en verschillende andere kampen, balancerend tussen hoop en vrees. Hun levensverhaal vormt het uitgangspunt. De unieke getuigenissen (sommigen hebben Anne Frank meegemaakt in Westerbork en Auschwitz) zijn voorbeelden van het zoeken naar krachtbronnen om weerstand te bieden aan existentieel zinverlies. Ze vormen ook een appèl tegen discriminatie en voor meer tolerantie. Hun levenskracht kan een voorbeeld zijn voor ons. Herman kan levendig en gepassioneerd vertellen, afgewisseld met audiovisuele videofragmenten.

Herman Teerhöfer (1975) is als geestelijk verzorger en theoloog werkzaam in drie verpleeghuizen in Tilburg. Zowel professioneel als privé zeer begaan met de vraag hoe mensen zin geven en waar mensen kracht uit putten, met name onder moeilijke omstandigheden.
Hij heeft pastoraal theologie gestudeerd aan de Universiteit van Tilburg en heeft een tweejarige post-academische klinische pastorale vorming afgerond aan de Radbouduniversiteit van Nijmegen.
Zijn aandachtsgebieden zijn: geestelijke zorg aan ouderen, palliatieve zorg, levensverhalen, in het bijzonder levensverhalen van Auschwitz-overlevenden. Hiernaast geeft hij lezingen over de spiritualiteit en mystiek in het christendom, de islam en in het jodendom.

Lezing 12 mei 2015 over Ruim twee eeuwen diasporagemeenten in Brabant

Geplaatst 3 mei 2015 09:07 door Ton239   8 sep. 2015 21:10 bijgewerkt ]
Het was een zeer roerige tijd, de tweede heft van de 18e eeuw. De bestorming van de Bastille in Parijs, de beweging van de Patriotten in Nederland. Het luidde het einde van het stadhouders tijdperk in. Ook het einde van de positie van de Protestantse Kerk als heersende staatskerk na de Reformatie ingesteld in de Staten van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Daarbij nam in die periode Brabant een afwijkende plaats in als Generaliteitsland bestuurd vanuit “Den Haag”. Op grond van de Staatsregeling van 1798 moesten de protestanten, vooral in Brabant het grootste deel van de kerkgebouwen weer teruggeven aan de rooms-katholieken, waardoor de protestanten dakloos werden. Ook verloren de protestanten in Brabant hun dominerende maatschappelijke positie. Overheidsambten stonden voortaan ook open voor rooms-katholieken. Velen verarmden en verhuisden noodgedwongen naar het protestantse noorden van het koninkrijk. Dit had tot gevolg dat tal van protestantse gemeenschappen op het platteland van Brabant verdwenen of kleiner werden. Jaren later konden door vele protestantse gemeenten een nieuw klein kerkgebouw, een z.g. Lodewijks-kerkje of waterstaats-kerkje, in gebruik worden genomen.
Het bleef een zeer moeizaam bestaan voor de protestantse gemeenten in Brabant. Ook voor de protestantse gemeente van Hilvarenbeek, waar Jacob van Heusden predikant was. Deze richtte samen met gelijkgestemden, waaronder dominee Vincent van Gogh, de grootvader van de schilder, in 1822 de Maatschappij van Welstand op ter ondersteuning van de kleine protestantse kerkgemeenschappen in Brabant en het Land van Maas en Waal. 
Met de oprichting van de Maatschappij van Welstand heeft van Heusden en zijn kompanen getracht het tij nog enigszins te keren. De activiteiten van Welstand in deze twee eeuwen komen aan bod.
Leendert Kaptein ( 1932) werkte na zijn studie 10 jaar bij het min. van Landbouw. Van 1965 tot aan zijn pensioen in 1997 diende hij als rentmeester de Maatschappij van Welstand. Na zijn pensioen verleende hij nog 10 jaar diensten aan de juist opgerichte Federatie Particulier Grondbezit.
Informatie:

Lezing 14 april 2015 over de Roerige jaren 1925 - 1945

Geplaatst 22 mrt. 2015 09:52 door Ton239   8 sep. 2015 21:08 bijgewerkt ]
In de omlijsting van de grote geschiedenis van West Europa wordt door Wim Boeijen de Brabantse en
Gelderse geschiedenis gedurende de periode 1925-1945 voor de heemkundekring Dye van Best
gepresenteerd. De presentatie wordt ondersteund met bijzonder diamateriaal. Vanwege 70 jaar
bevrijding beslist een aanrader. Iedereen is van harte welkom.
Terwijl in Nederland in de jaren dertig de economische crisis toeslaat worden er op het vliegveld Keent
in 1933 door de KLM en Militaire Luchtvaart toch nog enige vrolijke vliegactiviteiten ontplooid die de
spreker zelf van nabij heeft meegemaakt. In het spannende oorlogsonderwerp vertelt Wim Booijen ook
over de hoogtijdagen van de mobilisatie in 1939 waarmee de verdedigingswerken van de Hollandse
Waterlinie weer in beeld komen. En natuurlijk de werkverschaffing. Dit alles heeft zijn invloed op het
dagelijks leven van de mensen. Daarna neemt de spreker de toehoorders mee terug naar de Duitse
overrompeling tijdens de zwarte meidagen van 1940, terug naar de bezetting, terug naar de luchtoorlog
en terug naar het leedvermaak van “dolle dinsdag”.
Een van de spannendste episoden uit de bevrijding in 1944 is de operatie”Market Garden” met alle
gevolgen van dien voor de bewoners van Brabant en Gelderland.
Als gemiste kans voor de Slag om Arnhem loopt Airstrip B-82 Grave/Keent als een rode draad door de
lezing heen.

(Bericht bewerken)

Lezing 10 februari over De Romeinen in het Groene Woud

Geplaatst 1 feb. 2015 10:33 door Ton239   1 feb. 2015 10:33 bijgewerkt ]
Op deze avond zullen de docenten Dirk Paagman en Sjors van de Greef een lezing met documentaire houden over: De Romeinen in het Groene Woud.
De Romeinen waren 1900 jaar geleden in het Groene Woud zeer zichtbaar aanwezig. Het Groene Woud bestaat uit tien gemeenten, grote natuurgebieden en authentieke landschappen, gelegen tussen de steden ’s-Hertogenbosch, Eindhoven en Tilburg. De eerste Romeinen in het Groene Woud kwamen vanaf ongeveer 57 v. Chr. In het Groene Woud woonden vanaf 1e  eeuw de Bataven. In de 1e eeuw ontstond er een bijzondere relatie tussen de Romeinse overheerser en de Bataven. Ze werden bondgenoten van de Romeinen en belangrijke rekruten-leveranciers voor het Romeinse leger.

Als gevolg van de komst van de Romeinen en de ontwikkeling van de handel ontstond er meer dan 200 jaar romanisering. Er kwam welvaart en een groei van
de bevolking. Vanaf 270 n. Chr. kwam er een einde aan de romanisering. Plots werden nederzettingen verlaten, er kwam geen nieuwe bewoning. Het Brabantse platteland werd volledig ontvolkt. In de honderden jaren daarna hebben onze voorouders het landschap een heel ander uiterlijk gegeven waardoor we fietsend vooral onze fantasie moeten gebruiken om een beeld te krijgen van hoe het er destijds uitzag.

In deze lezing met documentaire van Henk Helsdingen volgen we samen met docent geschiedenis Dirk Paagman en docent aardrijkskunde Sjors van de Greef
deze Romeinen fietsroute door het Groene Woud. We bezoeken belangrijke vindplaatsen van Romeinse grafheuvels en bekijken veel bijzondere voorwerpen.
Een mooi voorbeeld is het barnstenen Bacchusbeeldje, een van de topstukken uit de 200 vondsten in Esch. De Romeinse God Bacchus genoot van drank en lekker eten. Tegenwoordig genieten wijBrabanders daar nog volop van…….

De lezing wordt gehouden in samenwerking met het IVN Best.

Lezing 13 januari 2015 over De Bossche bisschop Sonnius

Geplaatst 28 dec. 2014 14:11 door Ton239   28 dec. 2014 14:11 bijgewerkt ]
Op deze avond zal de pastoor Harold van Overbeek deze lezing verzorgen.
Op 12 mei 2009 stond het bisdom Den Bosch stil bij het feit dat het precies 450 jaar gelden werd opgericht. Tot 1559 behoorden onze streken tot het prinsbisdom Luik, maar de prinsbisschoppen beseften niet wat er zich allemaal in “het hoge noorden” afspeelden. Voor hen was de reformatie een-ver-van-mijn-bed-show. Het wereldlijk gezag, vooral Filips II, de Heer der Nederlanden, zag wel de gevaren van de reformatie, want zijn rijk dreigde door de godsdiensttwisten te worden verscheurd.

Er moesten maatregelen genomen worden om het tij te keren. Daarom moest er een daadkrachtig kerkelijk bestuur komen dat tegen een stootje kon.
Een oplossing daarvoor werd gevonden in het oprichten van nieuwe (kleinere) bisdommen. Koning Filips II stuurde de Brabander Franciscus van
der Velde (Sonnius) naar Rome om deze zaak bij de Paus te bepleiten. Sonnius zou de drijvende kracht worden van de nieuw op te richten bisdommen om vervolgens zelf de eerste bisschop van Den Bosch (1561-1570) en daarna ook nog eens de eerste bisschop van Antwerpen (1570-1576) te worden.

Wie was deze Sonnius?
Hij was professor in Leuven, inquisiteur, bisschop en concilievader. Kortom, alle aspecten van de reformatie komen samen in één persoon.
Het leven van Sonnius geeft een mooi beeld van hoe men in de 16e  eeuw priester werd, wat het betekende om professor te zijn aan een universiteit,
wat het “vak” van inquisiteur in de Lage Landen inhield en hoe een bisschop invloed uitoefende in zijn bisdom.
Het oprichten van nieuwe bisdommen bracht grote veranderingen met zich mee in een gebied waar reeds oude structuren lagen. Kapittels en abdijen
hadden in onze streken eeuwenlang een machtspositie, maar deze kwam in het geding doordat er nu een bisschop kwam die de scepter
zwaaide. De oprichting van het bisdom Den Bosch ging niet zonder slag of stoot, maar toch werden de fundamenten en structuren gelegd die nog steeds
actueel zijn. 

Na 455 jaar is er veel veranderd, zijn er de problemen van deze tijd, maar nog steeds liggen er de fundamenten die Sonnius eens neerlegde.
Pastoor Harold van Overbeek, 37 jaar, is priester gewijd in 2002 en sinds 2012 pastoor van Ommel. Daarvoor was hij pastoraal medewerker,
voornamelijk in de Noord-West hoek van Brabant: Drunen, Elshout en Bommelerwaard. Naast zijn werk als pastor studeert hij kerkgeschiedenis in
opdracht van het Bisdom Den Bosch. Zijn bevindingen over de eerste bisschop van Den Bosch is daar een resultaat van.

Heropening Armenhoef 12 november 2014

Geplaatst 30 nov. 2014 13:11 door Ton239   1 dec. 2014 19:52 bijgewerkt ]
De familie Scheepers is trots op hun oudste boerderij. In 2006 waren er nog volop plannen op de huidige stal af te breken en te vervangen door een nieuwe, moderne stal. De stal stond al helemaal uit het lood en toen ook nog een najaarsstorm een  deel van de overstek naar beneden kwam vallen was de boot aan. Sloopvergunning werd aangevraagd. Maar bij beleidsmedewerker William van Herk, die dagelijks langs deze boerderij kwam, gingen een belletje rinkelen. Deze boerderij stond al op een voorlopige lijst van monumenten en gezien de buitenkant zou deze boerderij best wel eens oud kunnen zijn. Bouwhistoricus Dick Zweers werd ingeschakeld en al snel kon hij inschatten dat deze boerderij minimal tussen 1400 en 1450 moest zijn. Om meer duidelijkheid te krijgen over de ouderdom werd een jaarringen onderzoek gehouden en hieruit bleek dat diverse houten gebinten te dateren zijn in 1263. Reden genoeg om stappen te gaan ondernemen om deze boerderij voor de toekomst te gaan behouden.

Dit was een tegenvaller voor de familie Scheepers. Zij hadden heel andere plannen.
Met medewerking van Rijk, Provincie en de Gemeente is de boerderij thans vakkundig gerestaureerd. Reden genoeg voor een feestelijke heropening. 
Woensdag 12 november 2014 was het zover en werd door Mr. Pieter van Vollenhoven de boerderij weer in gebruik genomen. Dit gebeurde door het zwartgele schildje “rijksmonumenten” te onthullen. De genodigden kregen vervolgens uitleg over de boerderij door Dick Zweers en Harrie van Vroenhoven gaf een korte toelichting over het ontstaan van de Projectgroep De Aarlese Hoeve, de samenwerking met Stichting deKapellekes en Stichting de Brabantse Boerderij en over plannen waar zij nu druk doende mee zijn.
En de familie Scheepers? Die is er inmiddels van doordrongen dat hij toch wel een heel unieke kalverenstal heeft.

Harrie van Vroenhoven

Wilt u de TV-opname van de EO bekijken.......klik hier

foto's Wim Jellema

Wandelen in het Wilhelminadorp

Geplaatst 23 nov. 2014 12:25 door Ton239   21 dec. 2014 10:33 bijgewerkt ]
Het was alweer voor de derde keer dat IVN Best en onze heemkundekring een gezamenlijk wandeltocht organiseerden. Op zondag 9 november was het verzamelpunt het Wilhelminaplein waar zo’n 30 belangstellende aanwezig waren om onderleiding van natuurgids Cor van Esch en Harrie van Vroenhoven het Wilhelminadorp wat beter te leren kennen. Aandacht was er voor het ontstaan van het Wilhelminadorp, hoe het deze naam heeft gekregen, het Wilhelminakanaal, aandacht voor het Batadorp  maar ook i.v.m. de oversteek hiervan en de eerste woningen. De voormalige  bouwpastoor Duffhaus werd aangehaald, de Antoniskerk die in 1950 in gebruik werd genomen en de diverse scholen die hier vroeger hebben gestaan. Op het kerkhof is een stukje mooie natuur aanwezig waar vogels, insecten met rust worden gelaten en een geheel eigen biotoop vormen. Ook de Johan Verleunstraat met de 60 jaar oude acacia’s bomen geven deze straat een prachtig aanzicht. O het Duffhausplein volgde de afsluiting vaneen zeer geslaagde ochtendwandeling.

Harrie van Vroenhoven
(foto Tom Olsa)

Lezing 9 december 2014 over Heren en onderdanen tijdens de Republiek der Verenigde Nederlanden

Geplaatst 23 nov. 2014 12:05 door Ton239   23 nov. 2014 12:07 bijgewerkt ]
Op deze avond zal de heer Anton Neggers een lezing houden over de verhoudingen tussen heren en hun onderdanen ten tijde van de republiek der Verenigde Nederlanden. Het vertelt hoe nieuwe heren feestelijk werden ingehaald, maar ook over de willekeur waarmee ze hun heerlijkheid bestuurden. Over de relatie van heren met schout en schepenen, over rentmeesters die zichzelf schaamteloos verrijkten. En hoe katholieke heren ook na de gewijzigde religieuze erhoudingen in hun rechten bleven gehandhaafd. Maar vooral over hoe gewone mensen daar in hun dagelijks leven mee te maken hadden. 
Bij vorsten denken we vooral aan de koningen en koninginnen uit onze tijd. Een paar eeuwen geleden hadden onze voorouders veel meer te maken met hun 'plaatselijke' vorst, de heren en vrouwen van heerlijkheden en domeinen. Heerlijkheid is een begrip die teruggaat op het feodale of leenstelsel. In het begin van de middeleeuwen was er slechts een zwak staatsgezag: de hoogste vorst in rang, de leenheer, was afhankelijk van zijn leenmannen, die in ruil voor 
bepaalde rechten in een gebied (dominium) diensten leverden aan de vorst. Van de elfde tot de dertiende eeuw waren leenmannen nog afkomstig uit de adel en de ridderschap. Aan het einde van de middeleeuwen worden heerlijkheden vooral lucratieve bezittingen voor de gegoede stand, en kopen rijke burgers steeds meer heerlijkheden op als beleggingsobject.

Lezing 11 november 2014 over De oude Steenweg van Den Bosch naar Eindhoven

Geplaatst 24 okt. 2014 20:58 door Ton239   24 okt. 2014 21:06 bijgewerkt ]
In deze lezing zal Ruud van Nooijen een schets geven van de geschiedenis van het ontstaan van de verbindingsweg tussen Den Bosch en Eindhoven: 
van zand naar ZOAB. In zijn lezing zal hij ingaan op de situatie in de Republiek der Verenigde Nederlanden, de wegen in de 17e en 18e eeuw en de aanleiding voor de aanleg van een weg tussen Den Bosch en Best en later tussen Eindhoven en Luik. 

De voorbereidingen en de aanleg van de Steenweg worden geschetst en de barrières die ontstonden om geld te vergaren voor onderhoud van de Steenweg. Tijdens de lezing worden nostalgische plaatjes getoond en anekdotes verteld over bijzondere voorvallen op de weg. Ruud van Nooijen was als kapitein werkzaam bij de Koninklijke Landmacht. Vanuit die rol is hij medeoprichter en bestuurslid van de Stichting Veteranen Boxtel. Hij is actief op een breed cultureel en maatschappelijk terrein. Zo is hij sedert 1976 secretaris van de Stichting Kerkconcerten Boxtel en organiseerde hij het Zuid-Nederlands orgelconcours regelmatig in de Sint-Petrusbasiliek. 

Ruud van Nooijen is voorts actief binnen de Heemkundekring Boxtel, waarvoor hij onder meer secretaris was, maar zich ook inzette voor 
cultuurhistorische evenementen. Daarnaast maakte hij vele foto's, schrijft hij artikelen en houdt hij lezingen over historische Boxtelse onderwerpen. 
Sinds 2003 is Ruud van Nooijen nauw betrokken bij de Stichting Cultuurgeschiedenis Boxtel-Meierij Hendrik Verhees. Hij is secretaris en pr-man en 
vervult de rol als kartrekker voor de tien deelprojecten die in het Hendrik Verhees jaar zijn opgezet. Onlangs presenteerde hij een boek over 
Hendrik Verhees. 

Toponiemenbanken in buitengebied van Best

Geplaatst 2 okt. 2014 19:30 door Ton239   2 okt. 2014 19:30 bijgewerkt ]
In het buitengebied van Best zijn in het kader van een project van de Streekrekening Het Groene Woud een drietal zogeheten “Toponiemenbankjes” geplaatst. Het zijn rustbanken voor fietsers en andere passanten. Het bijzondere ervan is, dat ze op een plek komen, die is omgeven met een stukje historie van Best. Bij de bankjes komt telkens ook een plaatje waarop dat historische aspect wordt uitgelegd.
De bankjes zijn gemaakt en geplaatst door meubelmakerij Den Berg uit Liempde. Ze zijn gemaakt met duurzaam hout uit Het Groene Woud. Uit eigen streek dus. De plaatsing van deze banken gebeurt via de Stichting Brabantse Bronnen en de stichting Streekrekening in samenwerking met de gemeente Best en op aangeven van de heemkundekring “Dye van Best”. 
Het eerste bankje heet “Malckersteeg” en komt te staan in de Broekstraat ter hoogte van waar die gekruist wordt door de hoogspanningsleiding. Hier vond op 18 oktober 1666 een heus volksoproer plaats toen de gemeente Oirschot ter delging van schulden gronden wilde verkopen uit het Besterbroek. De Bestse boeren waren daar fel op tegen omdat zij recht hadden op gratis weiden van vee en het gebruik van gerief- en timmerhout. Schout en rentmeester werden naar Oirschot terug gejaagd. In de nasleep vonden acht arrestaties plaats en Best moest de eventuele straffen met 4000 gulden afkopen.
Het tweede bankje heet “De Reuten” en komt te staan aan de Kapelweg in Aarle, vlak bij de grens met Oirschot. Plaatselijk heet het daar “De Reuten” een verbastering van de naam Ten Rodeken, de naam die op het bankje staat. Dat was de naam van een hertogelijk leengoed dat daar ooit heeft gelegen en dat ooit heeft toebehoord aan de wereldberoemde schilder Jeroen Bosch. Ondanks meerdere pogingen is de exacte locatie van dit goed nooit gevonden. Vast staat slechts dat het hier gelegen heeft.
Het derde bankje komt te staan bij het voetbalveld van de buurtvereniging aan de Oude Baan en draagt de naam “Vleutse Molens”. Vroeger hebben hier vlakbij twee molens gestaan.  Achter het voetbalveld staat nog het molenhuis dat behoorde bij molen “Santvliet” die daar in 1902 is geplaatst. De molen zelf heeft eeuwen op het bastion Vught in Den Bosch gestaan en is in Best in 1921 alweer gesloopt. Kijkt men naar links, dan ziet men het gebied “De Molenkampen”, waar vroeger ook een molen heeft gestaan. Die werd in 1655 gebouwd en halverwege de negentiende eeuw verplaatst naar het centrum van Best. Vanwege concurrentie door gemotoriseerde molens werd deze molen in 1929 gesloopt. Dat gebeurde tijdens de kermis toen de molen roemloos werd omgetrokken. 

Lezing 14 oktober 2014 over "200 jaar Koninkrijk".

Geplaatst 2 okt. 2014 19:14 door Ton239   24 okt. 2014 21:08 bijgewerkt ]
Met als titel “De koninklijke negentiende eeuw” hield onderzoeksjournalist Hans van den Eeden een lezing over tweehonderd jaar koninkrijk Nederland. 
Bij de start van de lezing nam Van den Eeden zijn toehoorders mee naar Brabant in  het begin van de negentiende eeuw. 
Hoe kwam het dat de Fransen in 1795 als bevrijders in Brabant werden binnen gehaald maar in 1813 met de staart tussen de benen vertrokken? Wat was de rol van de Kozakken hierbij? Hoe was het gesteld met ons land en Brabant na het vertrek van de Fransen? De negentiende eeuw zorgde voor grote maatschappelijke veranderingen. Nederland kwam mede door grote technologische vooruitgang op stoom. Tijdens de lezing staat de ‘regeerperiode’ van vorsten in relatie tot het ‘nieuwe Brabant’ in de negentiende eeuw centraal. Wat was de invloed van het koningschap van Willem I (1813-1840), Willem II (1840-1849) en Willem III (1849-1890) in de ontwikkelingen van Nederland.  Gedurende de lezing komt ook de Tiendaagse Veldtocht met de afscheiding van België aan de orde. Waar in Brabant was het enorme tentenkamp van de militairen gelegen? Wat was de rol van Willem II daarbij? Wat had deze Willem met Brabant en Tillburg en omgeving . Wat had Brabant met deze kroonprins en latere koning?
Van den Eeden legt in zijn lezing een relatie tot sociaal-culturele en politieke aspecten. Voorbeelden zijn: de rol van de kerken, de onderwijsstrijd, de infrastructuur en de prille ontwikkeling in de kraamkamer van de democratie. Bijzondere aandacht wordt besteed aan de gigantische kunstverzameling van Willem II die na zijn dood geveild moest worden.
De lezing werd ondersteund met fraai beeldmateriaal en tal van anekdotes. Deze activiteit werd in het kader van de viering van het Tweehonderd jarig bestaan van het Koninkrijk Nederland gehouden.

Lezing 15 juli 2014 over Geografie rond de Aarlese Hoeve

Geplaatst 25 jun. 2014 19:04 door Ton239   25 jun. 2014 19:05 bijgewerkt ]
De Projectgroep De Armenhoef, bestaande uit de Stichting deKappelkes, Stichting de Brabantse Boerderij en de Heemkundekring “Dye van Best” is druk doende met  onderzoek naar het ontstaan van de boerderij en haar verleden. Deze gegevens worden gebruikt in het boek dat  over enige tijd wordt uitgegeven. Een van de onderzoeken die nu bijna zijn afgerond gaat over de geografie rond de Aarlese hoeve en de toponiemen van percelen grond die in het bezit waren van de hoeve. Tijdens dit onderzoek zijn ook nieuwe gegevens beschikbaar gekomen die niet eerder bekend waren en die graag met de bezoekers worden gedeeld en gevraagd wordt om dit te voorzien van commentaar. Vooral dat laatste is zeer belangrijk omdat het geheel alleen maar beter van kan worden.
Deze avond zal verzorgd worden door Paul Maas, lid van onze heemkundekring en voorzitter van de Stichting deKappelekes en  door Daniël Vangheluwe, historisch geograaf. 

Bezoek Commissaris van de Koning aan de Armhoef

Geplaatst 19 mei 2014 20:26 door Ton239   25 mei 2014 19:52 bijgewerkt ]
Op donderdag 15 mei 2014 bracht de Commissaris van Koning van Noord-Brabant, de heer Wim van de Donk samen de burgemeester Anton van Aert, oud burgemeester Ivo Kortmann en wethouder Paul Gondrie, een bezoek aan de ruim 750 jaar oude boerderij, de Armhoef. 
De bouwhistoricus Dick Zweers gaf uitleg over de staat van de boerderij en hoe de ouderdom kon worden bepaald van het gebint. Ook ging hij in op de wijze waarop deze boerderij is gerestaureerd. Harrie van Vroenhoven gaf informatie over de werkzaamheden van de Projectgroep De Armhoef. De heer van de Donk was zeer onder de indruk van deze boerderij en het goed bewaarde gebint. Hij wenste de familie Scheepers heel veel succes met de boerderij en het behoud hiervan. Op korte termijn gaan de eerste kalveren weer de stal op.    




Foto Ruud van Nooijen.

(Bericht bewerken)

Schouwen “Paal De Driesteen”

Geplaatst 24 apr. 2014 20:29 door Ton239   24 apr. 2014 20:38 bijgewerkt ]
Op vrijdag 18 april 2014 werd onder auspiciën van de gemeente Best een ludieke schouw georganiseerd van de grenspaal die Best, Sint-Oedenrode en Boxtel(voorheel Liempde) vier jaar terug in “De Scheeken” hebben neergezet en de “Schey-Eijk” aan de Donderdonksedijk te Sint-Oedenrode. De schouw staat in het teken van het dragen van een grensoverschrijdende verantwoordelijkheid voor de inrichting van het gebied van “De Scheeken”. Het natuurgebied “De Scheeken” is nu volop in ontwikkeling. Het Waterschap De Dommel en de Provincie Noord-Brabant gaan deze “natte natuurparel” in oude glorie herstellen.
Tijdens deze bijeenkomst hebben de burgemeesters van de grensgemeenten samen met de Stichting Roois Cultureel Erfgoed, en de heemkundekringen, “Kèk Liemt”en “Dye van Best” gebrainstormd over de mogelijkheden om de toeristische en landschappelijke kwaliteit van het gebied te versterken.
Heemkundekring “Dye van Best” maakt deel uit van de Projectgroep “Paal de Driesteen” en Klankbord Groen van de gemeente Best en probeert hierin een rol te gaan vervullen naar het zoeken van wegen om het Nationale landschap Het Groene Woud een hogere waardering en beleving te geven. Het project Groene Poort en belevingscentrum De Vleut, deel uitmakend van de Landschappen van Allure,  kan hierin een zeer prominente rol in gaan vervullen. 
Kijk op youtube voor een kort filmpje.

Lezing 13 mei 2014 over De Kartuizers in de Meijerij

Geplaatst 21 apr. 2014 20:33 door Ton239   21 apr. 2014 20:34 bijgewerkt ]
In zijn lezing zal de heer Jan Sanders ingaan op de geschiedenis van dit klooster en de bijzondere aspecten van het kartuizerleven. Oorspronkelijk gesticht in 1466 aan de Dommel in Olland aan de rand van Sint-Oedenrode tegen Liempde aan, verhuisde het klooster al snel naar de Eikendonk tussen ’s-Hertogenbosch en Den 
Dungen. Weer enkele jaren later, in 1472, vestigden de kartuizermonniken zich aan de Dommel in Vught. 
De Beeldenstorm maakte in 1566 een abrupt einde aan hun rustige bestaan. Daarna volgde een moeizame zwerftocht door de Meierij. Pas een eeuw later viel het doek voor de kloosterlingen. De laatsten gingen over naar een nieuwe vestiging in Antwerpen. Voortzetting van het kloosterleven in Staats Brabant was na 1648 onmogelijk geworden. Ondanks hun snelle verhuizing uit Olland bleef het hart van de Meierij tot het einde toe het economische centrum van het klooster. Het boerderijenbezit strekte zich uit van Agt in het zuiden, tot Enschot in het westen en Linden bij Cuijk in het oosten. Het grondbezit besloeg een nog groter gebied en reikte in het noorden tot aan de Linge in Gelderland. 
 
Jan Sanders (1955) is rijksarchivaris in Noord-Brabant en archivaris van de zeventien gemeenten en twee waterschappen die aangesloten zijn bij het Brabants Historisch Informatie Centrum in ’s-Hertogenbosch. Hij studeerde middeleeuwse geschiedenis in Leiden. In 1990 promoveerde hij op een onderzoek naar het kartuizerklooster te Raamsdonk bij Geertruidenberg. Hij gaf daarna in samenwerking met andere onderzoekers een aantal Bossche en Brabantse kronieken uit. Bovendien verrichtte hij onderzoek naar kerken en kloosters. Hij inventariseerde diverse archieven, waaronder het archief van het kapittel van Oirschot. Zijn jongste publicatie gaat over het enige kartuizerklooster dat de Meierij ooit gekend heeft. 
Het boek is getiteld ‘Kartuizers in het land van de Dommel. Klooster Sint-Sophia van Constantinopel bij ’s-Hertogenbosch, 1466-1641’ (Woudrichem 2012). 

Lezing 8 april 2014 over Hertogstad Leuven

Geplaatst 18 mrt. 2014 20:21 door Ton239   18 mrt. 2014 20:21 bijgewerkt ]
Jan Franken zal een presentatie met beelden geven over de stad Leuven en haar geschiedenis.
Leuven heeft geen Romeins verleden. Bij de eerste vermeldingen worden de Noormannen genoemd. Die rovende woeste krijgers woonden op een eiland in de Dijle (nu het Groot Begijnhof) nadat ze een Frankisch leger hadden verslagen (891). Aan die rivier werden ze in de pan gehakt door koning Arnulf van Karinthië, een bastaard-nakomeling van Karel de Grote. Die bouwde ter plaatse een burcht die  het begin van Leuven werd. De grond bij de Dijle was echter te drassig om een stenen opvolger van dat slot te bouwen. Daardoor verplaatste de kern van de nederzetting zich naar het huidige centrum. Daar verrees een eerste versie van een stenen kerk, de Sint Pieter, en het nieuwe kasteel. In de hoge middeleeuwen bleek ook daar de grond te nat om de enorme kerktoren te bouwen die gepland was voor de nieuwe grote gotische Sint Pieterskerk. Ook de ondergrond van het stadhuis ertegenover kon geen klokkentoren (de Beiaart) verdragen. Daarom probeerde men niet meer in hoogte maar in verfijning met een reeks van kleine toren (en met beelden) de andere steden te overtreffen. Nog steeds is het kantwerk van het Leuvens stadhuis beroemd.

De adellijke heren van Leuven waren heer en meester van een klein gebied: de nederzetting en zijn omgeving. Door huwelijken en oorlog konden ze hun machtsregio flink uitbreiden. Zo kwam het driemaal grotere domein Ukkel door een bruid in hun bezit. Daar ontstond de handelsstad Brussel. Leuven en Brussel lagen beide aan de oude (Romeinse route) van Keulen via Aken en Maastricht naar Boulogne, vanwaar men naar Engeland kon oversteken. Vanwege die gunstige ligging, bovendien op vruchtbare lössgronden,  stegen deze steden in rijkdom en aanzien. 
De heren van Leuven werden bevorderd tot  graaf, en nog wat later hertog van Lotharingen. De vierde hertog, Hendrik I (de stichter van Den Bosch en Oisterwijk)ging daarnaast de titel ‘hertog van Brabant’ voeren. Eeuwenlang bleef Leuven de hoofdstad van dat Brabant. Zijn achterkleinzoon Jan I (van harba lorifa) kreeg echter ruzie met de stad en maakt van Brussel zijn hoofdstad. Eeuwenlang probeerden de steden elkaar de loef af te steken, o.a. met het mooiste stadhuis. Heel Brabant werd in vier delen (meierijen) verdeeld met als hoofdsteden, Leuven, Brussel, Antwerpen en Den Bosch. De Meierij van ‘s-Hertogenbosch werd ook weer in vier kwartieren verdeeld: Kempenland, Peelland, Maasland en het kwartier van Oisterwijk.

In 1425 kreeg Leuven de eerste universiteit in de Nederlanden. Alle faculteiten hadden hun eigen verspreid liggende gebouwen, colleges,  zoals Engelse universiteitssteden die kennen. Ze zijn er deels nog. Net als ’s-Hertogenbosch speelde Leuven verder een belangrijke rol in de Gelderse oorlogen en in de Tachtigjarige oorlog. In rustiger tijden vervielen beide steden echter tot kleine provinciestadjes met veel belangrijk en nog zichtbaar erfgoed.
Jan Franken was  docent aan de lerarenopleiding en aan HOVO (Seniorenacademie). Hij was tot voor kort bestuurslid van Brabants Heem. Hij is nog actief als lesgever en schrijver.

Lezing 11 februari 2014 over de betekenis van onze namen

Geplaatst 20 jan. 2014 21:03 door Ton239   20 jan. 2014 21:06 bijgewerkt ]
Op deze avond zal de heer Jos Mangnus een lezing houden over "De betekenis en achtergrond van onze voor- en achternamen". 
Wij gebruiken onze voor- en achternamen zonder er bij stil te staan wat die namen betekenen en waar ze vandaan komen.
Toch is het heel boeiend om naar de herkomst, de ouderdom en de eventuele betekenis te kijken. In onze namenvoorraad ligt een stuk van onze cultuur
en van de historie vast. Onze voornamen zijn vaak duizenden jaren oud en hadden oorspronkelijk een betekenis die een soort
wens in hield, een programma voor het leven. Achternamen verraden vaak de geografische herkomst of de bezigheden van onze
voorouders, maar er liggen ook wel lichamelijke eigenschappen in vast; ook spelen spot, statuszucht, familiebetrekkingen, onwettige afkomst,
vondelingschap een rol in het ontstaan van onze familienamen. Aan de hand van uw eigen voorna(a)m(en) – roepnaam of doopnamen – en uw
eigen achternaam ( mansnaam en/of meisjesnaam ) gaat Jos Mangnus meer gedetailleerd op het bovenstaande in.
Het is niet mogelijk dat Jos Mangnus werkelijk alle namen kan verklaren: van sommige is de herkomst en/of de betekenis niet meer te achterhalen; dat geldt
zeker voor buitenlandse namen. Jos Mangnus uit Waalre is neerlandicus en als leraar veertig jaar verbonden geweest aan de
Pedagogische Academies in de Edenstraat en Hemelrijken in Eindhoven.

Lezing 14 januari 2014 over "biodiversiteit en de vroege landbouw".

Geplaatst 23 nov. 2013 14:29 door Ton239   24 dec. 2013 16:16 bijgewerkt door Kees Dekkers ]
In de lezing lopen we aan de hand van geprojecteerde beelden door het ontstaan van ons zandgrondenlandschap en het ontstaan van ons gemengd-bedrijf-landschap. We wandelen dan door landschapstypen die de 19de eeuwse zandboer bewerkte om de biologische rijkdomdaarvan te ervaren.
Er wordt vaak beweerd dat het landschap van de Brabantse zandgronden rond 1900 de grootste natuurwaarden had dan ooit. Die hoge natuurkwaliteiten en 
grote biodiversiteit moeten verband houden met de oude landbouwsystemen. Boeren deden verschillende dingen op verschillende plaatsen, 
maar op die verschillende plaatsen deden ze wel jaar na jaar hetzelfde. Dit lijkt wartaal, maar wat er staat klopt wel! 
Het gaat om de werkzaamheden op de akkercomplexen, in de hooilanden en op de heidevelden. 
Belandrijk in het verhaal zijn ook de overgangsgebieden tussen deze drie arealen.
Antoon van Tuijl kreeg op veertienjarige leeftijd de behoefte om meer te weten van de natuur. Hij besefte dat ‘de natuur’ wel heel omvangrijk was en 
besloot zich te concentreren op vogels. Toen hij na zijn onderwijzersopleiding op een kleine Mulo-school ging werken, werd tegen hem gezegd:
“Jij kent veel vogeltjes; dan kun jij wel biologie geven!” Aanvankelijk moest hij zien de leerlingen een paar bladzijden voor te blijven. 
De interesse groeide. Hij leerde planten kennen, verdiepte zich in (de plaatselijke) ecologie, ging zich sterk interesseren voor heemkunde, 
waardoor ook cultuurhistorie in beeld kwam.
Vanuit die brede interesse inventariseerde hij monumentale en andere waardevolle bomen in zijn omgeving, bedacht hij voor de gemeente zo’n honderd namen 
voor zandwegen en stelde hij diaseries samen, waaronder bovenstaande. Hij organiseert wandelingen waarin natuur en cultuurhistorie de thema’s zijn.
Verwacht geen wetenschappelijke verhandelingen. Antoon werkt vanuit de stelling: Ik zie, ik zie wat u ook kunt zien!

Na zijn pensionering in 2001 wandelde hij naar Santiago de Compostella. In 2007 deed hij dat nog een keer, maar kwam toen ook te voet naar huis. Ook over deze tochten heeft hij een viertal lezingen samengesteld, waarin hij de verschillende facetten van de pelgrimage belicht.

Wilt u nader geïnformeerd worden over zijn activiteiten, dan kunt u een en ander vinden op de website van onze heemkundekring www.amaliavansolms.org.