Sint Odulphusgilde

Ontstaan
Er is niet precies bekend wanneer het gilde is opgericht. Op 2 april 1491 wordt het Odulphusgilde genoemd in een overeenkomst, waarbij de inkomsten van het gilde gevoegd worden bij de nalatenschap van Engelbert van den Spijker. Deze Oirschotse kanunnik, die in Best geboren was, bepaalde in zijn testament dat uit zijn nalatenschap twee priesters betaald moesten worden voor de Odulphuskapel in Best. Door de inkomsten van het gilde hieraan toe
te voegen, nam het gilde zijn verantwoordelijkheid voor een goede zielzorg in Best. Engelbert spreekt in zijn testament over de “fraternitas (= broederschap) Sancti Odulphi”.
In 1531 kreeg men van de kwartierschout van Oirschot een nieuwe “caert”. In dit reglement zijn regels opgesteld voor een schuttersgilde. Het is geen militaire organisatie maar zij gebruiken wel voorwerpen en titels die in legerkringen voorkomen (trommels en vaandels) om voor zijn genoegen te schieten. In 2016 heeft het gilde het 525-jarig jubileum gevierd en heeft bij deze gelegenheid het predicaat “Koninklijk” gekregen, uit handen van de Brabantse
commissaris van de Koning Wim van de Donk.


Organisatie
Het bestuur van de gilde wordt de “Overheid” genoemd en de voorzitter draagt de titel “Hopman” en de overige 10 leden van de “Overheid” zijn “Dekens”.
Overige functies in de Overheid zijn: Deken-schrijver, Deken-vaandeldrager, Dekenarchivaris, Deken-schatbewaarder, Deken-zilverdrager. De Keizer en Koning zijn toegevoegd lid van de overheid echter zonder stemrecht. Hopman en Dekens van de “Overheid” zijn voor het leven benoemd. Zij dragen een donker kostuum en paarse sjerp en een hoge hoed.
Naast de Overheids-functies kent het gilde ook:
- Koning
- Leugenkoning: het lid dat bij op de dag voor het Koningschieten (generale repetitie) de vogel eraf schiet;
- Vendeliers
- Tamboers 
- Standaardruiter
- Zilverdragers
- Keizer
- Wachtende Keizer
- Gildebroeders/schutters

Lidmaatschap
Namens de Overheid benadert de Hopman personen uit Best op basis van de volgende criteria:
- familie - tradities (families die al vele jaren bij het gilde betrokken zijn),
- spreiding van beroepen,
- spreiding over Best,
- spreiding van leeftijd
Mogelijke kandidaten worden eerst besproken in de vergadering van de Overheid, daarna wordt aan de kandidaten gevraagd of ze lid willen worden. Op de ledenvergadering wordt vervolgens gestemd en op de jaarlijkse gildedag wordt door middel van stemmen met witte en bruine bonen de benoeming tot lid bevestigd. Toegelaten worden de personen die met meerderheid van witte bonen gekozen zijn. Nieuwe leden zijn verplicht om op de gildedag de gildemis bij te wonen. Na de mis gaan ze naar huis en worden dan om 15.00 uur bij de schutsboom verwacht. Daar worden ze geïnstalleerd. Ze gaan eerst onder het vaandel, de vaandrig zwaait 3x met het vaandel  over het hoofd van het nieuwe lid. Daarna speldt de Hopman het gilde-insige op en doet de sjerp om. Vóór deze installatie trekt het voltallige gilde met vaandel en trom , inclusief de nieuwe leden 3 x linksom langs de schutsboom. De boom wordt (be)vrijd. Deze symbolische handeling heeft vanouds de betekenis van het verjagen van boze geesten, controleren of het terrein veilig is en of er niet door onbevoegden aan de boom geknoeid is. Een kandidaat lid moet in Best wonen. Indien hij tijdens zijn lidmaatschap verhuist naar een andere plaats blijft hij lid. De koning moet in Best wonen. In de jaren 1960-1961 waren qua ledental moeilijke jaren ( 20 leden). In 2017 telt het gilde 75 leden, De gemiddelde leeftijd is 57 jaar.

Schuttersgilde
Het woord gilde duidt op een groep mensen met dezelfde belangen. Zo ontstonden in de Middeleeuwen koopmansgilden, ambachtsgilden en schuttersgilden. Het Bestse Odulphusgilde is een schuttersgilde dat als een van de weinige gilden in Nederland (3) gebruik maakt van de voetboog, dat men voor het genoegen schiet. Bij het schieten moet een plaat geraakt worden op een 28 meter hoge schutsboom. De kruisboog of armborst, arbalest of voetboog is een wapen waarmee korte pijlen worden afgeschoten. Kruisbogen werden veel gebruikt tussen 800 en 1500. In 1097 verbood Paus Urbanus de Tweede het gebruik van de
kruisboog tussen Christenen onderling, omdat hij het een afgrijselijk en godsvijandig wapen vond. Later verbood ook Paus Innocentius de Derde het gebruik van de arbalest een zwaardere variant van de kruisboog.

Om de drie jaar vindt in Best het Koningschieten plaats. Bij de schietwedstrijd wordt een houten vogel op de schutsboom geplaatst. De schutter die het laatste stuk van de houten vogel schiet, draagt drie jaar de titel van Koning. Hij mag bij officiële gelegenheden de zilveren papagaai dragen.Wie drie maal koning is geworden, mag de eretitel Keizer dragen. Hiervoor moet hij wel wachten tot de vorige Keizer is vertrokken of is overleden. Tot die tijd is hij “Wachtende Keizer”. Een Koning is verplicht het vermogen van het gilde te vermeerderen door een schild van zilver te laten maken met daarop het jaar van Koningschap en vaak iets over het beroep van de schenker. Bij officiële gelegenheden worden deze schilden gedragen door de Zilverdragers en de Koning. Het oudste schild is van 1749.

Activiteiten
 Gildedag (Patroonsfeest)
De gildedag van de Odulphusgilde is op de eerste maandag op- of na de feestdag van Sint Odulphus (12 juni). Om 08.00 u wordt de Koning opgehaald die een koffietafel aanbiedt. Om 10.30 u is er een H. Mis, verering van het relikwie van Sint Odulphus, wordt er geofferd op de trom en wordt een vendelgroet uitgebracht. Daarna volgt een vendelgroet aan de burgemeester op het Gemeentehuis. Jubilerende leden worden gehuldigd. De keuze voor de nieuwe leden wordt bevestigd. Om 15.00 u worden de nieuwe leden bij de schutboom geïnstalleerd en beginnen de wedstrijden Voetboogschieten. Eens per drie jaar is het dan koningsschieten. Is de nieuwe koning bekend dan luiden de klokken van de Sint Odulphuskerk ‘s Avonds is er een diner (met partners) en uitgebreide nazit.
• Kring-gildedagen
Gilde Sint Odulphus is aangesloten bij de Noord Brabantse Federatie van Schuttersgilden. De federatie bestaat uit 6 kringen. Best behoort tot het Kwartier van Oirschot. Er zijn 204 gilden aangesloten. Een gilde is vooral actief in de eigen gemeenschap, maar belangrijk is ook het ontmoeten van andere gilden, op gildedagen, vaak in kring verband. Hoogtepunt is de Kring-gildedag. Deze begint ’s morgens met een H.Mis voor alle koningen en hoofdlieden samen met het organiserende gilde, daarna is er een koffietafel en erewijn geschonken door het college van B&W. ’s Middags is er een optocht van alle gilden, een massale opmars, er zijn wedstrijden schieten met geweer, voet- hand- of kruisboog, wedstrijden standaardrijden, bazuinblazen, trommen vendelen. Er is een tentoonstelling van gildeschatten zoals het koningszilver, standaarden en de vaandels
• Begrafenis
Er is een speciaal reglement betreffende begrafenis / crematie van een gildebroeder met daarin o.a.:
- op de dagen dat de overledene nog boven aarde staat mogen er geen gildeactiviteiten plaatsvinden
- de trommen zijn in het zwart gehuld, het vaandel is voorzien van een rouwstrik
- de Hopman neemt bij de begrafenis het koningszilver van de Koning af en legt dit op de kist, zodra deze bij de kerk aankomt.
- na de kerkelijke plechtigheden op het kerkhof wordt dit zilver weer weggenomen en wordt de vendelgroet gebracht.
- indien de overledene wordt gecremeerd wordt er soms van de vroegere tradities in overleg met de familie afgeweken.
• Verbroedering
Het St. Odulphusgilde uit Best, St. Jorisgilde uit Tilburg en het St. Jorisgilde uit Kalmthout (Belgie) treffen elkaar jaarlijks op de zg. verbroederingsactiviteit. De oorsprong van deze verbroedering ligt in het feit dat ze alle 3 met de voetboog schieten. Soms doet ook het Sint Jorisgilde uit Noordwijk mee.
• Betrokkenheid bij kerkelijke activiteiten
- Priesterwijding 
- Processie naar Vuurdoornplein bij de viering van geboortedag St. Odulphus
- Jubilea leden van het pastorale team
- opening kapellen
- installatie pastoors
- H, Mis bij de Mariakapel in de Vleut (rond Maria Hemelvaart)
• Opening van de Kermis op vrijdagavond
• Bezoek aan Basisscholen
• Vendelen:
Vendelen, beter bekend onder de term vaandelzwaaien of vendelzwaaien. De vaandrig is de naam van de leider van de vendeliers. Men zegt dat er al voor Christus gevendeld werd, anderen beweren dat het rond de 15e eeuw is ontstaan. Het vaandel is door de kruistochten in Europa terecht gekomen. Bij vendelen gaat het vooral om de sierlijkheid, de figuren vloeien als het ware in elkaar over. Het is vaak een uiting van het gebed tussen goed en kwaad. De kledij is traditioneel en hangt af van de groep waarbij men vendelt.







Veranderingen/Continuïteit
In wisselende omstandigheden in 525 jaar heeft het gilde trouw aan kerk en staat weten te handhaven. Er zijn perioden geweest (begin zestiger jaren toen er nog maar 20 leden waren) dat de belangstelling voor het gilde gering was. Maar met nieuw elan van enkele personen zijn de tradities gehandhaafd met kleine wijzigingen in de rituelen zoals:
- bij begrafenissen van een lid werden vroeger de overledene door het gilde thuis opgehaald, nu niet meer
- vroeger waren er boetes op kerk verzuim bij gelegenheden waarbij het gilde aanwezig was.
- er is niet altijd een standaardruiter, want er moet wel een lid zijn dat een paard bezit en verzorgt.
- als bij het koningschieten de koning bekend is, wordt de vrouw/partner van de koning niet meer door de standaardruiter op de hoogte gebracht. 

Met 75 leden nu en nogal wat vader-zoon lidmaatschappen is continuïteit gewaarborgd.

Dankzij de medewerking van het Gilde-archief is in de bibliotheek van de Heemkundekring veel gedetailleerd materiaal aanwezig.